Transcript

Glenn van der Burg (Host): Hoe geef je richting aan verandering? Hoe maak je impact met visie, leiderschap en innovatie? Je hoort het op het podcastkanaal New Business Radio. Listen Today, Lead Tomorrow. Hier vind je al onze programma's voor businessshapers. Met gesprekken met leiders, ondernemers en vernieuwers die hun organisatie klaarmaken voor de volgende sprong. Check je favoriete podcastplatform en abonneer je op New Business Radio. Listen Today, Lead Tomorrow. People Power met Glenn van der Burg. People Power is een programma over de kracht van mensen in organisaties. Met interviews en laatste inzichten voor betere prestaties en gelukkige mensen. Deze week gaat Glenn van der Burg in gesprek met Jesse Segers en Marguerite de Man van SIOO. Organisatiekunde is een wetenschap, gebaseerd op onderzoek met modellen, kwadranten en zeker de laatste jaren een flinke dosis psychologie. Maar met de opkomst van Purpose en Sustainability komen ook ethische, morele en zelfs filosofische vraagstukken naar boven. Wat gebeurt er als je met een filosofische bril naar organisaties gaat kijken? Jesse Segers en Marguerite de Man van SIOO hebben met ruim 30 co-auteurs een boek geschreven. Dat op zich is al een organisatie-vraagstuk. En dat boek hebben ze geschreven over het schone in begeleiden en organiseren. Wat is het schone? Is het een deel van een oplossing of een antwoord op de hedendaagse problemen en vraagstukken in organisaties? Wat is het unieke ervan? En is het schone voldoende? Maar is het überhaupt maakbaar? Nou ja, dat gaan we allemaal navragen. En ik moet je zeggen, dit wordt een hele spannende en voor mij ook zeer leerzame aflevering. Omdat alles wat hierin naar voren gaat komen voor mij in ieder geval redelijk nieuw is. Wil je nou de nieuwste aflevering van People Power via WhatsApp? Dat kan. Sla ons nummer dan op onder je contactpersonen 06 45 66 75 48. Stuur ons een berichtje met je naam en podcast aan. Dan sturen we de nieuwste afleveringen direct zodra ze online staan. Fijn dat je luistert naar People Power.

Jesse Segers (Auteur/Co-host, SIOO): Jullie zijn allebei al een keer te gast geweest hier en nu weer terug in de nieuwe studio. Voor jullie in ieder geval. Wij lopen hier al bijna zo'n jaar rond. Ja. Wat ongelooflijk leuk dat jullie er weer zijn. En dan ook nog eens een keer met een heel mooi boek. Jesse, je hebt hem bij je. Een dik boek. Een mooi boek. Het ziet er mooi uit. Het is een schoon boek. Zou ik bijna zeggen tegen een Vlaming. Ja, het begint ergens zo'n boek altijd. Er is een moment dat iemand met een idee komt of die zegt van goh, ik loop hier al een tijdje mee rond. Waar is dit boek ontstaan? Ik kijk jullie even allebei aan. Dan mogen jullie zelf kiezen wie er gaat beginnen. Jesse, ja. Er is een lange en een korte versie natuurlijk bij zo'n boek. Ik wil graag de schone versie. De schone versie die begint met Once upon a time. Ging ik een groep mensen begeleiden in Noorwegen. Als coach. En een van die opdrachten die daarbij hoorden was ook om als coach bevraagd te worden. En dat moest ik aan mensen die mij goed kenden. The good and the bad and the ugly. Over mezelf lezen in brieven. En onze zakelijke directeur Peter Pauwels zei, dat is allemaal goed en wel, die missie van SIOO over het ware, het schone en het goede. Wij maken daar met precisie ruimte voor. En dat ware is eigenlijk wel helder, want dat is de wetenschap. Ja. En het goede is ook helder. Dat is de ethische vraag die we hebben. Maar hoe zit dat nu met het schone? En die vraag liep me niet los. Ik vond dat een terechte vraag. Hoe voelde dat eigenlijk onderling allemaal wel? En er was zelfs geen enkele discussie binnen de SIOO-community, ook niet van het schone, dat is iets dat we delen. Maar geef daar nu maar iets taal aan, want is dat dan het schone in organisaties, in leiderschap, in begeleiderschap, in adviesvak?

Glenn van der Burg (Host): Oké, dus het begint eigenlijk bij de missie van SIOO, met die drie mooie woorden. Ik heb even gegoogled, want ik dacht, die komt mij ergens bekend voor. Nou, het is oud, hè? Plato, die heeft het uitbedacht. Heb ik ook maar gewoon gegoogled, hoor. Het lijkt net alsof ik enorme intelligente dingen nu ga zeggen. Maar het is al heel oud. En jullie hebben dat eigenlijk toegepast op jezelf. Ja, interessant om mee te geven is, in de tijd van de oude Grieken hoorden die samen het ware, het goede en het schone. Maar een jaar of 200 geleden zijn die elk op zich verzelfstandigd. Dan krijg je, zoals ik net zei, de wetenschap en dan heb je de ethiek en dan had je meer de esthetiek en de kunsten. En het ware en het goede, dat is wel iets dat overbleef in organisaties. Maar wij waren aan het puzzelen dan, wat is dan het schone? Geef daar maar eens taal aan. En zo is eigenlijk die bal aan het rollen gegaan. We hebben dan met verschillende mensen in het netwerk gesproken van, kan je dat eens expliciteren? We zijn ook trouwens naar de wetenschap gaan kijken eerst. Er waren eigenlijk maar enkele journals, enkele tijdschriften. Journal of Organizational Aesthetics, bijvoorbeeld. Jonge journals waren dat, dus het was een opkomend vakgebied. Ik ken dan ook een prof in INSEAD die over leiderschap en kunst aan het schrijven was. Zo van, if leadership is an art, why don't we learn from the artist? Er is de International Leadership Association, dat is de grootste in de wereld daar rond. Die nieuwste special interest group ging ook over kunst. Dus het was iets dat emergent wel was in de omgeving. En ik dacht, ja, misschien is de tijd rijp. We vroegen dat aan ons netwerk en de meesten waren direct geïnteresseerd. En dan hebben wij een uitnodiging gestuurd, wetende dat dit echt onontgonnen terrein was. En dat merken we nu ook als we het moeten uitleggen. Van, wil je iets schrijven over het schone? Wat is dat dan? We hebben het boek samen geschreven met 35 co-auteurs die allemaal hun eigen beeld van het schone, als het gaat over organiseren, op papier hebben gezet.

Marguerite de Man (Auteur/Co-host, SIOO): Voordat we daar heen gaan, die drie eenheid eigenlijk. Want zoals jij het zegt ook Jesse, ik ben benieuwd Marguerite hoe jij daar naar kijkt. Zo zijn ze ook een beetje op en volgend zijn ze gekomen. Want het ware, de wetenschap, die is naar mijn idee, het deden we heel lang maar wat. En toen gingen we daar ook onderzoek naar doen, wat er eigenlijk werkte. En toen kwam, nou ja, ondertussen is het natuurlijk een hele wetenschap, maar ook een hele business geworden om te kijken van ja, wat werkt er nou eigenlijk in organisaties. Dat goede, dat is nog best wel jong, in ieder geval dat het weer terug is gekeerd. Ja, het goede heeft twee dimensies eigenlijk op dit moment. Het goede heeft zeg maar de ethische en de morele dimensie. En het goede heeft zeg maar heel erg de dimensie van het goede doen in de samenleving. Dus meervoudige waardecreatie. En dat is eigenlijk natuurlijk ook ethisch en moreel. Maar je kunt ook zeggen van dat is eigenlijk een ander aspect van het goede wat er de laatste jaren weer heel erg bij is gekomen. Ja, met de why en de purpose. Precies, maar ook zorgen dat je minder vervuilt en meehelpt als bedrijf om maatschappelijke vraagstukken op te lossen, et cetera. En je hebt gelijk, de organisatiekunde is eigenlijk de oudste wetenschap. En daar ging het natuurlijk over organisatieonderzoek toen. Dat begon bij Taylor. Die dat gewoon ging onderzoeken hoe het ware in die tijd in elkaar zat. En in organisaties en in ons vak vragen wij elkaar ook nog steeds eigenlijk vooral op het ware. We zeggen soms wel, oh dat is een mooi plan, maar dan bedoelen we eigenlijk niet een mooi plan, dan bedoelen we eigenlijk een goed plan. Dus het is waar. Het zit goed in elkaar. Het zit goed in elkaar. Het is gebaseerd op goede theorieën, goede aannames, et cetera. Goed uitgewerkt. Je kan het verantwoorden. En dat doen we als vakgenoten onder elkaar ook vooral. Daar bevragen we elkaar vooral op. Jesse had het net over het schone. En toen ging het gelijk al over kunst, over esthetiek eigenlijk. Hoe dingen eruit zien. Is dat dan het schone, Marguerite?

Glenn van der Burg (Host): Ja, maar niet volledig. Het schoon is de eerste associatie waar mensen aan denken. Dus dat is ook de eerste associatie waar mensen bij ons in het netwerk aan dachten toen we ze uitnodigden om mee te gaan schrijven. Dan zeiden ze ja, nee, maar je moet bij die zijn, want die werkt veel met kunstenaars. Ja, maar die gebruikt veel de natuur waar je net zelf ook even naar verwezen. Maar dat is een aspect ervan. Dus we hebben het dan eigenlijk vaak veel meer over de esthetiek dan over het schone. Want het schone dat is nog weer wat anders inderdaad dan mooi of schoonheid. Dus esthetiek kan je nog met elkaar over, er zijn regels voor bij wijze van spreken. En voor het schone zijn eigenlijk niet zoveel regels. Het schone dat zit eigenlijk tussen inderdaad, als je teruggaat naar die oude Grieken, pendelt heen en weer tussen Plato en Aristoteles en hun manier van denken over de wereld en idealen. Ja, maar nu moet je ons helpen, want die hebben we niet allemaal bestudeerd. Helaas niet, wil ik bijna zeggen. Ik wou dat ik het gehad had op de middelbare school als vak. Maar help ons daar eens even. Het schone is dus niet iets van het is wel of niet mooi. Gulden snede, iedereen heeft er wel ideeën bij. Welke kleuren passen er wel en niet bij elkaar, schuldensneden enzo allemaal, dat is meer esthetiek dan mooi. Mooi is, is dit uitzicht mooi? Jij zegt ja en ik zeg nee. En dan kunnen we nog aan elkaar vragen waarom dan? Maar esthetiek is echt zeg maar een vakgebied. Dus daar zijn inderdaad zeg maar… En daarbinnen heb je verschillende stromingen. Misschien om een idee direct te geven waarom het schone niet hetzelfde als mooi is. Je hebt ook zoiets als atonale muziek. De meeste mensen gaan dat niet mooi vinden, maar het hoort wel bij de schone kunsten. En om terug te gaan naar die Grieken, eigenlijk heb je de ideeënwereld van Plato, en dat is de eerste associatie die we hebben, een soort absolute schone, droombeelden, ideaalbeelden, de perfectie, het is af. En dat is belangrijk, dat is waar veel management-auteurs, academici, consultants, ook leiders, schetsen van hier moeten we naartoe. Ja, de visie, de missie. Voilà. Het absolute, niks op aan te merken. En dan heb je natuurlijk, dat is de ideeënwereld van Plato, en dan heb je natuurlijk de taaie werkelijkheid. En dat was een beetje waar Aristoteles van zei, jongens, met praktijkervaring lijkt er mij ook veel schoonheid te zitten in een soort alledaagse schoonheid. In net het onaffe, in de worsteling, in de rafelranden, in het morsige. Die is veel moeilijker te observeren, daar kunnen we ook op ingaan van hoe dat dan gebeurt. Maar eenmaal als we die dan zien, dat is dan weer typisch de mens, in de alledaagse schoonheid verlangen we op een zeker moment toch terug naar die mooie verhalen die in de keynotes verteld worden. En eigenlijk die pendelbeweging die tragisch is, want ja, we gaan nooit die droombeelden halen, maar in die tragiek zie je het ook weer schoonheid. En de Grieken zeggen dat is eigenlijk gedreven door eros, dus door dat het verlangen naar wijsheid en schoonheid die maakt dat we steeds opnieuw die pendelbeweging maken, dus de absolute en de alledaagse schoonheid. En beide zijn dus aanwezig in organisaties.

Glenn van der Burg (Host): Ja, en het grappige is dat jij zegt dus ook, er zit natuurlijk een soort tegenstelling in en volgens mij herkennen we dat allemaal wel. Ook in iets wat helemaal imperfect is, kan heel veel schoner. Wij zijn een radiostation, wij zijn een podcast. We draaien in het live programma ook muziek. En iedereen herkent dat volgens mij wel, dat als je bij een live concert bent, dan is dat niet ideaal. Dan is het niet perfect. Want achteraf kun je er nog van alles nog wat productioneel aan doen. Een filtertje hier en een dingetje daar. En toch is live vaak, klinkt het schoner of mooier of vind je dat, zit er meer beleving in. Ja, dat is wel een hele mooie, want dan kom je eigenlijk gelijk bij iets waarvan we zeggen van dat is wat schoner toevoegt. Als jij dat concert uitloopt, dan ga je de deuren van Ahoy weer open of van Paradiso. Gaat het nog even duren, maar dan loop je met elkaar weg. En dan weet je dat je onderdeel geweest bent van iets wat groter is dan jij zelf. En dat is zo'n moment van schoonheid. En dat zit inderdaad, kan in muziek zitten of dat kan in iets anders zitten. Ja. En dat verbindt ook heel erg, want je bent daar en je bent niet alleen. Je loopt misschien wel in je dode pieren eentje tussen al die anderen en toch voel je dat. En voel je je onderdeel van het geheel. Ja. Heb je nou een voorbeeld waarvan je zegt, dan pakken we even die alledaagse en dat perfecte. Dan vraag ik jou Jesse om eerst het alledaagse te doen en Marguerite voor het van het perfecte. Marguerite, het perfecte, maar dan even als we dat toepassen op organisaties. Waarvan zeg jij nou van nou, dat is iets, dat vind ik het schone, want het gaat ook over hoe je dat zelf ziet. Vind ik het schone, maar dat is iets wat we nooit gaan bereiken. Dat zit in die ideeënwereld. Dat is iets wat we kunnen bedenken, maar eigenlijk weten we wel dat het een soort luchtkasteel is waar we naartoe gaan. Ja, ik denk dat er zo ontzettend veel ideeën over organisaties in die ideeënwereld zitten. Maar eentje waar jij verliefd op bent? Waar ik verliefd op ben? Wat prachtig zeg. Wat hebben ze daar prachtig bedacht opgeschreven, ontwikkeld. Mooi model. Goeie vraag. Ik geloof niet dat ik op één ding verliefd ben. Nee, maar je moet kiezen. Net als of je moet zeggen wie je liefste kind is. Dat doe je ook nooit. Wat ik heel belangrijk vind in organisaties, is dat er samen gewerkt wordt tussen organisaties en de wereld daaromheen. Dus ik vind dat organisaties het niet in hun eentje doen, maar met andere partijen. Of dat nou heel erg verbonden is of losser verbonden, dat vind ik wel een heel belangrijk ideaal. En dat lukt nog heel erg. Heel erg slecht. En welk boek of welk denker komt er dan in je hoofd naar boven? Waarvan je denkt, ja die heeft het op een hele mooie manier utopisch neergezet hoe dat zou moeten werken. Ik denk bijvoorbeeld zelf, het eerste waar ik aan moest denken toen jij begon te praten, was donut economy. Prachtig, mooi model. Goed over nagedacht. Goed visualiseerd. Gaan er nooit komen. Helaas gaat het nooit gebeuren. Maar het is wel fantastisch. En het inspireert mensen. Ja, klopt. Ja, als iedereen nou denkt van wat is dat dan, donut economy? Moet je even googlen. Dan kom je er vanzelf van. Of een boek kopen, is hartstikke mooi. All right. En nu iets onafs. Iets rafeligs. Jesse.

Jesse Segers (Auteur/Co-host, SIOO): Dat is cruciaal als leider trouwens, dat je in dat onaffe schoonheid of het schone kan zien. Dat is permanent, denk ik, Glenn. Dat is gewoon werken met elkaar. Dus ook die donut-economie, als je daar eenmaal aan begint, dan ontdekt je natuurlijk dat dat veel taaier is en dat dat in dat boek beschreven staat. Maar het is net dat puzzel. Gisteravond hebben we nog zo'n relatief mooi moment meegemaakt. We waren bezig met een stuk rond het boek. Hoe schrijven we dat nu op? Zodanig dat mensen goesting krijgen, zou ik zeggen, als Vlaming, om dat te lezen, maar dat je toch nog niet alles weggeeft. En we hadden daar een bepaalde kijk op. Maar de persoon die het magazin uitgeeft, had daar natuurlijk een andere kijk op. En zo ging dat een paar keer heen en weer. Op een zondagavond spenderen we daar onze vrije tijd aan. En uiteindelijk zijn we geland op een stuk, en dat is ook belangrijk, daar kunnen we het allemaal nog uitleggen, waar we alle twee gelukkig mee zijn. En dan heb je een schoon stuk, maar eigenlijk was het ook een schoon proces, omdat je een uitwisseling doet van verschillende perspectieven, je ontmoet de vreemde, het vreemde in jezelf soms, maar ook vooral in dit geval bij de andere, kijk op wat zo'n stuk dan moet zijn. Ja, en daar zit schoonheid in, dat is alledaagse schoonheid. En als je daar niet van kan genieten als leider, want in een organisatie schets je dan dat vergezicht van waar je mogelijk naar toe zou kunnen gaan, dan wordt leiderschap met korte ei leiderschap met lange ei natuurlijk. Want dan is het echt een lang frustrerend proces. Het is zelfs het omarmen van dat onaf, van iets bedenken en weten dat het toch anders gaat lopen en daar ook plezier en genoten van hebben. Het klinkt ook een beetje als twee dingen verenigen die eigenlijk niet verenigbaar zijn. Als je geen ideaal hebt, als je niet ergens met elkaar naartoe werkt of niet ergens in gelooft, iets wat je schoon vindt, dan ben je niet op weg, dan ben je maar een beetje aan het aanmodderen. Terwijl als je alleen maar dat aan het doen bent en je kunt niet genieten van het proces of van de stapjes of van het feit dat het toch anders gaat, dan ben je je eigen frustratie aan het organiseren. Het voelt alsof je allebei moet hebben. Ja, want die idealen en die hopen die geven richting en die zorgen dat je bezig blijft. Dus dat is heel belangrijk om actie te kunnen blijven ondernemen en voortgang te kunnen blijven maken. Iemand in het boek schrijft zo mooi dat Voor de Grieken gaat het in essentie ook altijd om die dualiteit, want eenheid dat is zoals stilstaand water, dat is schoon maar is aan het sterven natuurlijk, is aan het rotten. En leiderschap vanuit de Griekse terminologie is archontes, als ik dat juist uitspreek. Ik heb ook geen Grieks gedaan. Ik ook niet, dus ik vind het fantastisch. Maar het betekent alleszins de eenheid die een dualiteit creëert. En dat is eigenlijk wat die leiderschap dan ook inhoudt. De absolute schoonheid met de alledaagse schoonheid. En die heen-en-weerbeweging, die tragische heen-en-weerbeweging, die zelf troost ook kan bieden. Enzovoort.

Glenn van der Burg (Host): 35 co-auteurs, die hebben natuurlijk veel te veel geschreven om even in een uurtje op de radio allemaal te bespreken. Maar ik ben wel benieuwd welke jullie daaruit gaan pikken als mooi voorbeeld om een klein inkijkje te geven in het boek. Dat hoor je zo. In de studio Jesse Segers en Marguerite de Man van SIOO over het schone boek. Het schone. Over het schone, want zo heet het boek. Kijk, bij een boek geschreven door 35 auteurs met dus ook daarin 35 verschillende visies, beelden, voorbeelden van wat dan het schone is in organisaties, in begeleiden en organiseren. Ja, daar kun je gewoon in zo'n uitzending eigenlijk geen eer aan doen. Behalve als wij het ons zelf zien als een soort amuse voor het hoofdrecht. En dat is het boek. Dat moet je natuurlijk vooral kopen. Dus ik ben wel benieuwd. Jullie kregen die 35 verhalen binnen, die 35 visies. Ja, dan gebeurt er natuurlijk wat als je dat leest. Dus Marguerite, welke is het eerste die bij jou in je hoofd sprong dat je dacht, oh ja, daar wil ik wel wat over vertellen?

Marguerite de Man (Auteur/Co-host, SIOO): Oké, ik wil wel iets vertellen over het stuk van Rozemarijn Koenen. Ja. Dat is een van de docenten ook uit ons netwerk. Zij werkt heel veel met deelnemers individueel, dus veel coachingsachtige sessies. Of in kleine groepjes, intervisieachtige sessies. En vaak met ingewikkelde vraagstukken. Dus niet zomaar een beetje van, goh, hoe kan ik deze klus nou slimmer doen? Maar heel vaak vraagstukken die er voor die mensen heel erg toe doen. Die existentieel zijn. Hoe overleef ik als vrouw in deze metenschappelijke mannenwereld of situaties met mensen die eigenlijk in hun jeugd of later zwaar beschadigd zijn en die toch iets ervan moeten maken. En zij werkt heel erg in lijn met onze visie ook, met precisie, samen. En wat zij beschrijft is heel erg mooi. Eigenlijk een vijftal korte cases van situaties waar zij in werkte, van situaties die zwaar waren en waarvan ze zegt, bereikten we daar iets. Niet dat die situatie, dat het verleden overgaat, want een getraumatiseerde jeugd verdampt niet, maar dat mensen er net iets beter mee kunnen hanteren en dat het een plek krijgt. Of dat mensen hun vraag zeg maar over van hoe doe ik dat nou als vrouw in deze academische wereld, dat ze daar meer gerustgesteld op zijn en hun eigen weg in kunnen vinden. En is de les dan Kijk naar, zorg dat je daar oog voor hebt, dat je dat registreert, dat je zoiets kleins... Ja, klopt. Waar ik zelf aan moet denken is, want ik heb ook flink wat bijeenkomsten, maar ook heel veel radioprogramma's. Mensen zeggen, vind je het dan niet jammer dat er niet veel meer mensen luisteren? Of dat niet iedereen gaat doen wat je zegt? Dan zeg ik, nou nee, want ik weet dat dat toch niet gaat gebeuren. Het is mooi als het wel gebeurt, maar ik weet dat dat een utopie is. Dus als er één iemand luistert, dat geldt ook voor dit programma, als er één iemand luistert en die gaat vanaf morgen, ziet hij meer het schone van zijn werk en die is daardoor aangeraakt, dan hebben we het toch fantastisch gedaan. Ja, dat zou ik iedereen gunnen dat dat lukt. Ja, en zeg maar in die sessies, die Roos en Marijn doen, maar sowieso als het gaat over het schone. Het schone is heel fragiel en heel vluchtig. En je ziet het niet makkelijk en je kunt het ook niet zo goed benoemen, maar je voelt het als het ware dat het er is. En als begeleider is het dus van belang dat je het niet te duidelijk gaat zeggen van nou mensen, nou hebben we hier een heel mooi moment. Dit is het schone. Want dan is het weg. Dan maak je het kapot. Maar je moet wel zorgen dat het kan landen en dat mensen het als het ware... kunnen absorberen en dus zelf inzien. Dus die tijd te verhouden. Dus vooral niet te snel zijn. En snelheid is iets wat in veel organisaties part speelt. Het moet altijd vandaag. Het moet gisteren. Het moet eerder nog gisteren dan vandaag. En kunnen we niet even snel een oplossing vinden? Daar zit het hem niet in en ontstaat het ook niet. En wat heb je dan nodig om het te kunnen ervaren? Ja, een bepaalde mate van vertraging en rust, zodat je steeds aandacht blijft kunnen schenken aan wat er daadwerkelijk op dat moment gebeurt, met mensen, tussen mensen. Oké, dus… En voor alle eerderheid, het is de tweeën, dus voor de alledaagse schoonheid te zien, de vertraging, maar er is ook een fantastische schoonheid en voor het schone in de snelheid, in zuiverheid, in flow, daar zit ook iets, maar dat zit meer in de plateau kant, in die ideale schoonheid. Maar als je de alledaagse wilt zien dan krijg je wat Marguerite vertelt. Ik heb een hele raar, je probeert het toch ook op een of andere manier te snappen en vast te pakken, ik in ieder geval wel. Ik moet gelijk aan voetbal denken. Bij voetbal gaat het natuurlijk om het doelpunt. En er zijn soms hele mooie doelpunten, maar eigenlijk gebeurt er... Dus als je je gaat verdiepen en je gaat het spelletje proberen te snappen, dan zie je dat de schoonheid eigenlijk op momenten zit die helemaal niet tot een doelpunt leiden, maar die wel fantastisch zijn. Zo zijn er filmpjes van, misschien helemaal niet jullie wereld, maar van Frenkie de Jong. En dan kijken ze alleen maar hoe hij de bal aanneemt en paasjes geeft. En dat doet hij de hele tijd door. En dat is prachtig om te zien. Daar moet ik gelijk aan denken. In organisaties dat er heel veel mooie dingen gebeuren, maar dat leidt niet tot een order of leidt niet tot een enorme effectiviteitsverbetering. Oké, we proberen het te grijpen. Jesse, welke stuk van de 35 denk je aan?

Jesse Segers (Auteur/Co-host, SIOO): Ik vind dat een hele moeilijke vraag. Omdat er heel veel Voor mij zit er schoonheid op verschillende niveaus. Er zijn bijvoorbeeld stukjes van professor André Zwaard, die heeft me aan het denken gezet. Maar ook van dokter Moira Muller heeft me aan het denken gezet. Maar dat zijn meer de intellectuele, dit wist ik nog niet, en verrassende dingen. Er zijn andere stukken en er is een veelvoud. Ik ga mijn goede vriend Koen Maréchal mij naar voren schuiven, die een hele mooie beschrijving geeft. over hoe dat eigenlijk, mijn woorden, gestart is als een platonist zal ik zeggen, het streven naar het ideale en gaandeweg door de ingewikkeldheid van het leven steeds meer kan genieten van de alledaagse schoonheid. Maar hij beschrijft dat op een manier dat iedereen kan volgen, van het ideale plaatje met het huis en de getrouwde en de kinderen tot… Ja, een heel ander leven dat je uiteindelijk loopt. Maar daar ook schoonheid in zien. Ik heb in het stuk van Tim Steves ontdekt, collega dan van ons, dat schoonheid eigenlijk, of het schone zijn drijver is, dat daar ook, dat vond ik zo'n mooie uitdrukking, het risico van de vakmens die ook streeft naar het schone, is ook dat je gekwetst wordt. Want dat vraagt een soort kwetsbaarheid en moed om je te verbinden. met dingen die je nog niet kent, met het vreemde. Maar dat kan dus ook fout gaan. En dan heb je, ja, datgene wat voor jou waardevol is, heb je in ontmoeting, he, dus in het niet meer moeten van wat voor jou waardevol is gebracht. Ja, en als die verbinding dan uiteindelijk niet lukt, ja, dan doet het natuurlijk pijn. Dat beschrijft hij ook fantastisch. Weer op een hele andere manier, ik leg bijvoorbeeld een Brettje Kessner heel mooi uit. Waarom het misschien een utopie is om schone organisaties, en dat we het over organisatie kunnen te hebben, omdat als je probeert harmonie en afstemming te creëren tussen al die verschillende waardekaders, de wederzijdse erkenning en respect daarvoor, van die vreemde waardes voor elkaar dan. dat dat bijna niet meer mogelijk is, omdat er steeds meer stakeholders op steeds meer medezeggenschap is. Dus misschien zijn organisaties per definitie lelijk. Dus een heel mooie weg hoe ze daar naartoe komt, terwijl een handstukje daar dan tegenover staat en meer veel meer vanuit het plateau redeneert en zegt, nee, organisaties zijn gewoon lelijk omdat wij die concepten niet goed kennen. Er zijn veel te veel copycat consultants. Je moet eigenlijk je verdiepen, je moet je denken op schone, wil je schone organisaties hebben. Nog andere, een Thabo, die is opgeleid als kunstenaar en die beschrijft hoe dat eigenlijk opgeleid is om onschadelijk te zijn. Dat is een white cube strategy. Je maakt iets, dat wordt dan ergens in een museum opgehangen, we kijken daarnaar, het beweegt ons even, dan gaan we naar buiten en zeggen we, en nu terug de echte wereld. Maar hij zegt, ja, als we die talenten van anders kijken,