Transcript

Glenn van der Burg (Host): Onbeperkt leren en ontwikkelen. Lifelong learning en diepgaande managementontwikkeling is alleen weggelegd voor grote bedrijven. Voor het MKB lijkt investeren in de ontwikkeling van medewerkers een financieel risico. Ze hebben minder geld en minder tijd. Maar het belang van de ontwikkeling van medewerkers is wel net zo groot. Misschien zelfs nog wel groter. Voor meer aandacht en meer werkplezier, maar zeker voor betere prestaties. Hoe is het gesteld met de ontwikkeling van de grootste werkgever van Nederland, namelijk het MKB? Welke positie is er voor leren binnen het MKB? Hoe kunnen we dat beter regelen? En kan dit op een nog veel grotere schaal geregeld worden? Te gast zijn Jacco Vonhof, de man die je moet hebben als we het over het MKB hebben, want hij is namelijk de voorzitter van MKB-Nederland. En zelf ook nog ondernemer. En Tom Bos, algemeen directeur van Online Academy, is natuurlijk weer aanwezig, want we praten over een leven lang leren. Fijn dat jullie er zijn, Jacco en Tom. Eerst maar even beginnen, Jacco, om een beetje een beeld te krijgen van hoe het staat met het MKB. We hebben corona – gehad durf ik eigenlijk niet te zeggen, want we hebben het nog steeds. Oorlog in Oekraïne, schaarste van grondstoffen, krappe arbeidsmarkt, snelle technologische ontwikkeling en dan vergeet ik vast nog heel veel dingen. Kan je mij een schets geven van de vraagstukken die spelen binnen het MKB, waar ondernemers mee worstelen?

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Als ik jouw opsomming zo hoor, dan denk ik: waar moet ik beginnen, of kan ik er beter mee ophouden. Op de korte termijn hebben we stevige uitdagingen en ook een paar ontwikkelingen achter de rug waar veel mkb’ers last van hebben gehad. Maar als je even boven de materie gaat hangen, dan moet je vaststellen dat het macro eigenlijk best goed is gegaan met het MKB als het gaat om die crisis en hoe we eruit zijn gekomen. Weinig faillissementen, extreem weinig. De economie is lekker gegroeid. De werkloosheid is niet historisch hoog geworden zoals we vreesden aan het begin van de crisis; sterker nog, die is historisch laag. Dat zijn indicatoren die zeggen: die economie doet het best goed. Maar micro, in bepaalde sectoren en bij bepaalde bedrijven, is het niet goed. Veel ondernemers hebben grote schulden opgebouwd in de coronacrisis, zijn veel vermogen kwijtgeraakt en hebben moeite om een goed verdienmodel voor de toekomst te vinden. Daar maak ik me zorgen over. En als dat alles was, dan zou je zeggen: daar gaan we hard voor werken. Maar nu hebben we de oorlog in Oekraïne met veel gevolgen. Ook tweede- en derde-orde gevolgen die we nog niet helemaal snappen.

Glenn van der Burg (Host): Zoals? Geef eens een voorbeeld.

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Oorlogsdreiging is sowieso slecht voor vertrouwen, zeker een oorlog op je eigen continent. We zien historisch laag consumentenvertrouwen. Het rare is dat het producentenvertrouwen dat niet laat zien, dat kan ik ook niet verklaren. Dan de gevolgen: inflatie, met name energieprijzen, brandstofafhankelijkheid, dalende koopkracht bij veel mensen die gecompenseerd willen worden. Dat komt als tweedeorde-effect op het bordje van ondernemers, in een toch al krappe arbeidsmarkt.

Glenn van der Burg (Host): Horen jullie al dat medewerkers aankloppen: de energierekening stijgt, de arbeidsmarkt is krap, ik wil meer verdienen want anders red ik het niet?

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Natuurlijk gebeurt dat. We hadden midden in die Oekraïne-ellende bewindspersonen die opriepen tot loonsverhoging als oplossing voor koopkrachtverlies. Dat is een knop waar je aan kunt draaien, maar men vergat dat van elke euro die je aan salaris overmaakt, 70% in de schatkist landt. Ze zeiden dus eigenlijk: geef ons meer belasting. Beter was geweest: verlaag belastingen, dan houden mensen meer over. We zien in cao’s die aflopen en verlengd worden nu zo’n 3,6 à 4% stijging. Dat is meer dan de kerninflatie van circa 3%. Daarnaast zie je informele loonstijgingen: mensen die van baan of functie veranderen, of zeggen “als je wil dat ik blijf, moet er wat bij”. Dat gaat ook hand over hand en ligt boven die 4%. Gemiddeld schatten we dat totaal op meer dan 5, misschien 5,5% loongroei. Dat kunnen we maar zolang volhouden, want hogere loonkosten moet je verdisconteren in prijzen en dat leidt tot inflatie en minder koopkracht. Dan dreigt de loon-prijsspiraal.

Glenn van der Burg (Host): Interessant. Het ingewikkelde is: MKB is alles van in alle branches. Je bent een bedrijf zodra je iemand in dienst hebt, en boven 250 medewerkers ben je groot. Als het MKB zou meedoen met bijvoorbeeld Great Place to Work: hoe zou die werkgever scoren op aandacht voor werknemers?

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Hoog. Het gemiddelde bedrijf in Nederland, als je alles bij elkaar optelt, heeft zes à zeven werknemers, inclusief de ondernemer. In zo’n bedrijf is van nature veel aandacht voor de individuele medewerker. Er is geen HR-afdeling of staf, de ondernemer doet veel zelf en weet dat hij afhankelijk is van die vijf, zes mensen en van zijn omgeving. Goed zijn voor je mensen en je omgeving is de weg naar succes. Dat doen ze onbewust bekwaam, zonder dikke beleidsboeken. Het houdt het overzichtelijk, maar de omgeving vraagt wel steeds meer compliance. Regeldruk is enorm. In Nederland maken we regels om uitzonderingen te voorkomen en daardoor moeten ook ondernemers die niets met die uitzondering te maken hebben zich verhouden tot nieuwe regels. Dat geeft administratieve druk. Als je meewerkend voorman bent en je doet in het weekend de administratie, kun je die compliance niet allemaal bijbenen. Ondernemers kiezen voor vrijheid en moeten ineens door hoepels springen. Dat legt ze vast met ingewikkelde regelgeving die niets toevoegt, behalve vastleggen wat je toch al deed.

Glenn van der Burg (Host): Hoe is het met leren gesteld? We weten dat vakgebieden snel veranderen, sommige verdwijnen of krimpen. We moeten ons blijven ontwikkelen. Hoe gaat dat in het MKB zonder HR of een head of L&D?

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): We blijven graag weg bij het woord “leren”; veel mensen hebben daar een hekel aan. Ontwikkelen is beter. In het MKB ontwikkelen mensen zich in hun werk: learning by doing. Ze ontdekken wat ze goed kunnen en wat niet, en ontwikkelen zich logisch in de richting van wat ze goed kunnen. Een goede ondernemer ziet dat en geeft ruimte. Met gemiddeld zes collega’s naast zichzelf hoef je dat niet ingewikkeld te maken. Met name informeel leren en competentieontwikkeling is in het MKB normaal. Daarnaast wil je dat mensen over hun baan heen kijken, richting binnen of buiten je bedrijf, omdat de baan straks ophoudt of de uitdaging weg is. Ik vind dat de regie op je ontwikkeling bij de werknemer ligt.

Glenn van der Burg (Host): Waarom vind je dat? En tegelijk: gedrag van mensen is complex. Veel mensen hebben geleerd dat leren niet leuk is. Lange termijn is lastig: niemand weet wat hij over vijf jaar doet. In het MKB gaat leren in het werk vaak beter dan in grote bedrijven, maar de lange termijn blijft ingewikkeld.

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Voor wie doe je het? We hebben geschoolde mensen nodig, maar de individuele werknemer doet het ook voor zichzelf. Primair ligt de incentive daar. In je werk verder komen? Dan sta je zelf aan de lat. Natuurlijk moeten we als samenleving zorgen voor mensen die het niet zelf kunnen, of die pech hadden. Maar verder: neem verantwoordelijkheid. Overheid en bedrijven moeten niet dwingen, wel richting geven, budget alloceren, en het gesprek voeren. Anekdote: ik heb een schoonmaakbedrijf. Jaren geleden gingen we facturen digitaliseren – dat zou banen kosten op de administratie. Ik heb op onze jaarlijkse bijeenkomst gezegd: over drie jaar zitten daar misschien nog twee mensen van de acht. Hou er rekening mee dat je iets anders moet gaan doen. Reactie: nul, want iedereen dacht dat hij bij die twee hoorde. Ik liet toen een schoonmaakrobot rondrijden om te laten zien dat zelfs de schoonmaker risico loopt. Pas als het eind nabij is, raken mensen in paniek. Dan moet je als werkgever aanbod hebben: intern scholen of voorbereiden op een stap buiten. Vraag: wat heb je nodig?

Glenn van der Burg (Host): Dus verantwoordelijkheid bij het individu betekent niet dat die ook alle lasten draagt.

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Zeker niet. Ons systeem heeft waarborgen en budgetten voor ontwikkeling bij baanverlies. Maar mensen moeten A ervan weten en B het gebruiken. En we hebben in Nederland negatieve prikkels. Ons ontslagrecht en de gepercipieerde zekerheid zorgen dat mensen langer stilzitten. We pleiten al langer voor iets minder star ontslagrecht – niet Amerikaans – zodat mensen zich meer bewust zijn dat iets kan stoppen en eerder in actie komen. Het gesprek over de toekomst van het bedrijf moet je als ondernemer altijd voeren. Er zullen altijd mensen zijn die blijven zitten en wachten op reorganisatie en transitievergoeding – die was bedoeld voor transitie, maar is vaak gewoon een ontslagvergoeding.

Glenn van der Burg (Host): Ik hoor je zeggen: in het MKB wordt veel geleerd “gewoon door te werken”. Experimenteren heet daar werken. Die langere termijn, buiten je eigen wereld ontwikkelen: wat is nodig, of wat zie je al gebeuren?

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): We zijn er wel uit dat lifetime employment voorbij is. Het klassieke werknemer-werkgevermodel is ook veranderd: mensen zijn soms zelfstandig, werken hybride. Dat moet nog settelen. Vervolgvraag is: wat ga ik dan doen, wat is kansrijk, waar ben ik goed in en hoe verdien ik daar straks mijn inkomen mee? Dat gesprek moeten we leren voeren, met regie bij de persoon zelf. Het gesprek “stel dat je hier niet meer werkt” is spannend – je wilt mensen houden in krapte – maar je moet het wel voeren. Ook in het onderwijs: hoeveel mensen leveren we nog af met een administratieve opleiding mbo-2 en hoe kansrijk is dat? Nul. Maar zelfs dat gesprek is al ingewikkeld. En MKB is divers: van 2 werknemers tot 250, met uiteenlopende mogelijkheden voor loopbaanbegeleiding.

Glenn van der Burg (Host): Zou dat iets publieks moeten worden? Een eigen ontwikkelbudget en elke paar jaar een soort APK-gesprek georganiseerd voor iedereen?

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Je zou dat bij het onderwijs kunnen beleggen: alumni periodiek up-to-date houden. Vertrekpunt blijft: wie is verantwoordelijk? Primair de werker. Zorg dat het top of mind is en dat men weet dat er budget is. Nu is het gefragmenteerd en bijna niet te overzien welke potjes er zijn. Wie betaalt? We betalen met z’n allen: via belastingen (overheid), via O&O-fondsen (werkgever/werknemer), via transitievergoeding (ondernemer). Initiële opleiding is grotendeels publiek bekostigd; de meeste mensen hebben daar nog “budget” onbenut in de zin dat ze niet maximaal doorleren. O&O-fondsen zijn vaak branche-specifiek; dat is lastig, want je wilt juist dwars door branches opleiden. Ik heb me impopulair gemaakt door te zeggen: schaf O&O-fondsen af of organiseer het anders, want we denken te veel in hokjes. Mensen blijven niet in dezelfde baan of branche. Mijn droom: elke Nederlander een eigen leerrekening (L-rekening). Daarop storten we die verschillende budgetten. Je gebruikt het voor je persoonlijke ontwikkeling binnen bandbreedtes, met een koppeling aan loopbaanperspectief. Daarnaast zou ik een geblokkeerde rekening willen voor sociale premies en lasten. Met de huidige automatisering kun je dat zelf beheren, in plaats van de werkgever als uitvoerder van de overheid te maken. De regie ligt dan bij de persoon. De leerrekening laat ook zien wat er echt beschikbaar is. En op is op: wie twee masters wil doen, prima, maar als je je budget op is, betaal je de rest zelf.

Glenn van der Burg (Host): Kunnen we die stap in één keer zetten of is er een kleinere stap nu al mogelijk?

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Er zijn veel partijen met eigen institutionele belangen, dat maakt zo’n grote stap lastig. In de SER hebben we wel een middellange termijnvisie vastgesteld – feitelijk een sociaal akkoord – met een sterk traject van werk naar werk. In plaats van eerst WW en dan bijstand, voorkom je die terugval door meteen in een werk-naar-werktraject te komen, met scholingsgeld dat nu nog gefragmenteerd is. Dat maakt afscheid nemen socialer en aantrekkelijker, en helpt mensen sneller door.

Glenn van der Burg (Host): Kortere termijnpuzzel: ik heb een bedrijf met zeven medewerkers. Eén werkt op de administratie, die baan vervalt, maar hij is analytisch en wil data-analist worden. Hoe financier je nu de opleiding – stapbudget is niet toereikend – en hoe organiseer ik als mkb’er de tijd, want ik mis meteen 1/7 capaciteit?

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Slimme ondernemers investeren liever vooruit dan dat ze het laten aankomen op conflict en ontslag – dat kost ook geld en kapitaal. Reken je het door, dan is samen investeren in de toekomst vrijwel altijd beter. Idealiter doe je dat met de nieuwe werkgever erbij. De vertrekkende en verkrijgende werkgever hebben beide belang, met een gat in competenties dat je samen dicht. Je zoekt dus een ontvangende partij en start samen het opleidingstraject, met inzet van beschikbare middelen.

Glenn van der Burg (Host): Zie je zulke samenwerkingen al?

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Zeker. Regionale coöperaties en werkgeversnetwerken die van tweede spoor uitgroeiden naar bredere werk-naar-werk-samenwerking. Voorbeelden: een verpleegkundige met slechte rug – enorm arbeidsethos – kan niet terug in dezelfde functie, maar wil door. Als ondernemers dat delen, sla je de brug. Opleiders hebben hier ook een grote rol: niet alleen faciliteren, maar vooral mensen inzicht geven of ze het kúnnen. Een carrièreswitch is een risico: je legt baan en geld in de waagschaal voor een traject van twee tot vier jaar. Dat vraagt goede voorlichting en geschiktheidsinschatting.

Glenn van der Burg (Host): Veel mensen leren bij de dag, beetje bij beetje. Kleine stapjes, en ineens kun je het. Ik heb ook geen opleiding tot presentator gedaan; het is uitproberen en dan is het ineens je werk. Maar als je echt een ander vak moet gaan doen, sta je voor een grote beslissing. En je zei al: er zouden meer van dit soort samenwerkingen moeten zijn. MKB-Nederland brengt mkb’ers bij elkaar en behartigt belangen. Is het niet ook jullie rol om te zeggen: gezien krapte en maatschappelijke kosten gaan wij dit organiseren – geef ons wat budget, we fixen het?

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Wij zijn een koepelorganisatie. Onze leden zijn brancheorganisaties, geen individuele ondernemers. De kappers, metaal, bouw, enzovoort, met elk hun eigen arbeidsmarktvraagstukken. Wij praten met politiek en vakbonden over balans op de arbeidsmarkt en brengen ideeën in. Als dat landt, is het de bedoeling dat brancheorganisaties ermee aan de slag gaan en het doordrilt naar ondernemers. Regionaal moet je juist branchegrenzen loslaten: bijvoorbeeld een schoonmaakbedrijf en een zorgorganisatie die afspreken dat de beste schoonmakers instromen op instaptaken in de zorg – werkladders. In mijn eigen bedrijf werken zo’n 3500 mensen; ik heb 180 vacatures. Ik zou iedereen willen houden, maar op lange termijn is levenslang schoonmaken voor niemand goed. Dus leid ik liever samen met mijn klant mensen op tot high potentials, en richt ik mij op instroom van mensen die de stap naar mij toe nog moeten maken – via UWV en sociale werkbedrijven. Als we allemaal in stappen denken en mensen zo vrij mogelijk laten om die stappen te zetten, komen we verder.

Glenn van der Burg (Host): Heb je voor de gein weleens uitgerekend wat dat maatschappelijk oplevert? Iemand uit de bijstand naar werk en dan door naar de zorg: je vult een vacature, haalt iemand uit de bijstand, en verbetert iemands leven.

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): Armoedeval is een probleem: iemand met bijstand en toeslagen houdt soms netto meer over dan iemand die 36 uur bij mij werkt. Dat moeten we oplossen. Maar eens: als je beredeneert dat ontwikkeling mensen en samenleving beter maakt, is dat precies de opdracht. Je ziet het effect nu al in de krappe arbeidsmarkt: de bijstand loopt leeg, WW daalt, dat bespaart geld. En los van geld: mensen die zich ontwikkelen en thuiskomen met verhalen – dát is het leukste leven. Dat gun je iedereen.

Tom Bos (Algemeen directeur Online Academy): Laatste vraag en een streep eronder: wat zou de overheid nu moeten doen? Wat moet je forceren of juist loslaten om de goede kant op te bewegen?

Jacco Vonhof (Voorzitter MKB-Nederland en ondernemer): We gaan ten onder aan regeldrift. In complexe situaties voegen we nog meer complexiteit toe en denken we dat het beter wordt. Ga terug naar de kern: hoe laten we onderwijs, overheid en ondernemers soepeler samenwerken? Overheid dienend, niet leidend. Goede incentives waar de markt faalt, prima. Maar we hebben zóveel regels en regelingen dat niemand het bos nog ziet. Maak het overzichtelijker en eenvoudiger. Stop met een aantal dingen. Kijk naar STAP: al vol en voor veel mensen niet te doen om aan te vragen. Een schoonmaker die zich wil ontwikkelen redt dat niet. Maak het echt makkelijker.

Glenn van der Burg (Host): Mooi. We zijn nog lang niet uitgepraat en dat is een goed teken, maar we gaan stoppen. Dankjewel Jacco Vonhof, voorzitter van MKB-Nederland. En natuurlijk Tom Bos, algemeen directeur van Online Academy. En jij bedankt voor het luisteren. Meer afleveringen vind je op peoplepower.radio en in je favoriete podcastapp.