Transcript

Voice-over (New Business Radio): Hoe geef je richting aan verandering? Hoe maak je impact met visie, leiderschap en innovatie? Je hoort het op het podcastkanaal New Business Radio. Listen Today, Lead Tomorrow. Hier vind je al onze programma's voor businessshapers. Met gesprekken met leiders, ondernemers en vernieuwers die hun organisatie klaarmaken voor de volgende sprong. Check je favoriete podcastplatform en abonneer je op New Business Radio. Listen Today, Lead Tomorrow.

Voice-over (People Power): Hoe ontketen je de kracht van mensen in organisaties? People Power brengt je de laatste wetenschappelijke inzichten en praktijkvoorbeelden. Over leiderschap en leren. Betrokkenheid en bevlogenheid. Inzetbaarheid en inclusie. Omdat mensen het verschil maken in jouw organisatie. People Power met Glenn van der Burg.

Glenn van der Burg (Host): Door één pedagogisch professional in de kinderopvang kunnen zeven ouders aan het werk. Kinderopvang is de stille motor van de economie, maar door personeelstekorten hapert die motor. Het gevolg: onvrede in de branche, enorme wachtlijsten en soms noodgedwongen sluitingen door ziekteverzuim. Gekwalificeerd personeel is lastig te vinden. Waarom willen niet meer mensen in de kinderopvang werken? Moeten meer ouders uitwijken naar informele opvang? Wat zijn de effecten op arbeidsparticipatie en de rolverdeling in gezinnen? Te gast zijn Mara Yerkes, universitair hoofddocent Interdisciplinaire Sociale Wetenschappen aan de Universiteit Utrecht, en Monique Wittebol, voorzitter raad van bestuur Bink Kinderopvang en vicevoorzitter van Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang. Fijn dat jullie er zijn. Belangrijk onderwerp. Mijn kinderen hebben er ook gezeten. De eerste keer is dat een drama, want je laat je kind voor het eerst achter. Herkenbaar, Monique?

Monique Wittebol (Voorzitter raad van bestuur Bink Kinderopvang; vicevoorzitter Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang): Zeker. Ouders moeten net zoveel wennen als de kinderen, soms zelfs meer. Kinderen vinden vaak snel hun draai met andere kinderen en leuke activiteiten, terwijl ouders nog staan te slikken bij de deur. Maar kinderopvang is nodig en waardevol. Tegelijkertijd kampen we met grote tekorten. Al een aantal jaren zien we dat veel babyboomers met pensioen zijn gegaan en dat in de hele mbo-sector meer mensen nodig zijn. De economie groeit en de vraag naar kinderopvang groeit mee, maar we kunnen niet meer in hetzelfde tempo meegroeien. Er zijn simpelweg te weinig geschikte mensen op de arbeidsmarkt. Opleiden kan, maar de groei van de vraag is te hard. Corona heeft het verzuim vergroot en lang gemaakt, met regels die maakten dat je bij klachten of een zieke partner niet mocht werken. Restklachten spelen nog steeds, werkdruk neemt toe en daarmee ook extra verzuim.

Glenn van der Burg (Host): Vroeger ging je met een verkoudheid gewoon werken. Nu blijf je thuis bij klachten. Speelt dat mee?

Monique Wittebol (Voorzitter raad van bestuur Bink Kinderopvang; vicevoorzitter Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang): Ja. De strikte regels in de pandemie, de angst om besmet te raken en dat kinderen veel meenemen aan virussen, hebben allemaal effect gehad. Daardoor heb je meer inval nodig, terwijl die mensen er niet zijn.

Glenn van der Burg (Host): Is het vak minder interessant geworden voor nieuwe instromers?

Monique Wittebol (Voorzitter raad van bestuur Bink Kinderopvang; vicevoorzitter Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang): Dat idee heb ik niet. Wel heeft het onderwijs een positiever imago dan kinderopvang. Het woord ‘opvang’ helpt niet. Alsof je je kind ergens stalt omdat jij werkt, terwijl professionals kinderen begeleiden in hun ontwikkeling en van grote waarde zijn.

Mara Yerkes (Universitair hoofddocent Interdisciplinaire Sociale Wetenschappen, Universiteit Utrecht): Internationaal zie je andere perspectieven. In bijvoorbeeld Zweden is een plek voor jonge kinderen een recht van het kind, niet primair een arbeidsmarktinstrument voor ouders. Ze spreken over early childhood education and care: onderwijs en zorg. In Nederland is de kinderopvang historisch vooral ingericht als arbeidsmarktinstrument. Als de economie aantrekt, moet het aanbod snel groeien; in een crisis moet je afschalen. Dat maakt het systeem conjunctuurgevoelig en instabiel voor werkgevers, werknemers en opleidingen. Je krijgt een soort varkenscyclus. Richt je het in als kinderrecht, dan plan je structureel voor alle kinderen en ontstaat meer stabiliteit.

Glenn van der Burg (Host): Hoe groot zijn de tekorten?

Monique Wittebol (Voorzitter raad van bestuur Bink Kinderopvang; vicevoorzitter Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang): Nu circa 5.000 medewerkers tekort en dat loopt de komende jaren op richting ruim 30.000, op een totaal van ongeveer 115.000 medewerkers. Dat is fors.

Mara Yerkes (Universitair hoofddocent Interdisciplinaire Sociale Wetenschappen, Universiteit Utrecht): Die krapte heeft directe arbeidsmarkteffecten. Ouders en werkgevers rekenen op betrouwbare opvang. Als die wegvalt, stort de planning in. In ons onderzoek tijdens corona zagen we dat ouders werk verplaatsten naar avonden en weekenden. Vaders deden tijdelijk meer zorgtaken, maar historisch doen moeders nog steeds het meeste in de zorg, mede door deeltijdpatronen, loonverschillen en complexe toeslagen die keuzes beïnvloeden.

Glenn van der Burg (Host): Deel van de oorzaak is financieel. Als iemand meer uren gaat werken, kan dat toeslagen kosten. Mensen zijn risicoavers en beginnen er niet aan.

Mara Yerkes (Universitair hoofddocent Interdisciplinaire Sociale Wetenschappen, Universiteit Utrecht): Klopt. De complexiteit van toeslagen en tijdelijke contracten maakt berekenen lastig. Dan kies je voor zekerheid, ook als je meer uren misschien leuk vindt of status geeft.

Glenn van der Burg (Host): Binnen de sector zelf: wat maakt de banen lastig?

Monique Wittebol (Voorzitter raad van bestuur Bink Kinderopvang; vicevoorzitter Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang): Roosters met vroege en late diensten, lange dagen van half acht tot half zeven. Veel medewerkers hebben zelf jonge kinderen die naar school of opvang moeten. Vraag je hen om meer uren, dan zeggen ze vaak: ja, als de dagen korter worden of diensten meer tussentijds zijn. En de man-vrouwverdeling is scheef: in 0–4 jaar opvang werken slechts 1–5% mannen; in de BSO meer, zeker als je inzet op bewegen en sportprofielen. Gemengde teams trekken mannen aan, maar daar is nog veel te winnen.

Voice-over (People Power): Hoe ontketen je de kracht van mensen in organisaties? People Power.

Glenn van der Burg (Host): Mijn voorlopige conclusie: jonge kindereducatie is goed voor kinderen én helpt de arbeidsmarkt. Meer uren per medewerker lijkt kansrijk, maar in de praktijk lastig.

Mara Yerkes (Universitair hoofddocent Interdisciplinaire Sociale Wetenschappen, Universiteit Utrecht): Het Nederlandse deeltijdmodel is hardnekkig. Vrouwen werken structureel meer in deeltijd, zeker na de geboorte van een kind. Hogere opgeleide stellen verdelen zorgtaken iets gelijker, maar gemiddeld blijft de kloof. Het oude verlofstelsel gaf moeders de meeste ruimte, waardoor zij automatisch eerste aanspreekpunt werden. Culturele normen en de manier waarop weken zijn ingericht (woensdagmiddag vrij, clubjes op woensdag en vrijdag) versterken dit patroon.

Monique Wittebol (Voorzitter raad van bestuur Bink Kinderopvang; vicevoorzitter Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang): We moeten systeemaanpassingen doen. Voor BSO zie ik een integratie met het onderwijs: vijf gelijke, iets langere dagen tot bijvoorbeeld half vijf, waarin je cognitieve blokken afwisselt met sociaal-emotionele, creatieve en bewegingsactiviteiten en vrij spel. Dat sluit aan op het bioritme van kinderen, biedt een doorgaande ontwikkelingslijn en maakt BSO-banen volwaardiger. Nu werken veel BSO-medewerkers alleen middagen op maandag, dinsdag en donderdag; dat zijn sprokkelbanen. In een geïntegreerd dagarrangement combineer je onderwijsassistentie met BSO-taken.

Glenn van der Burg (Host): Dan wordt het ook minder een markt voor eliteclubjes en meer voor iedereen.

Monique Wittebol (Voorzitter raad van bestuur Bink Kinderopvang; vicevoorzitter Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang): Precies. We hebben jaren muzieklessen binnen BSO aangeboden met bijbetaling door ouders; dan profiteert alleen een beperkte groep. In een inclusief model bied je muzikale, sportieve en creatieve ontwikkeling voor alle kinderen.

Mara Yerkes (Universitair hoofddocent Interdisciplinaire Sociale Wetenschappen, Universiteit Utrecht): Internationaal zien we dat publieke of non-profit systemen beter scoren op toegankelijkheid, betaalbaarheid en vaak kwaliteit dan commerciële markten. De toeslagenaffaire onderstreept dat ons huidige stelsel rammelt. Als je kinderopvang primair ziet als ontwikkelomgeving voor kinderen, past daar eerder een publiek of non-profit model bij dan marktwerking gericht op winst.

Monique Wittebol (Voorzitter raad van bestuur Bink Kinderopvang; vicevoorzitter Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang): Wij zijn een stichting: opbrengsten vloeien terug naar de kwaliteit en naar inclusie. Dan zit je ook in wijken met minder rendement en ondersteun je kinderen die extra aandacht nodig hebben. In een commercieel model ligt de prikkel anders, al doen sommigen zeker hun best. Maar het risico is sturen op winst ten koste van inclusie en kwaliteit.

Glenn van der Burg (Host): Dan naar nu en morgen. Er ligt een plan om de kinderopvang in 2025 vrijwel gratis te maken voor werkende ouders. Lost dat het arbeidsmarktprobleem op?

Monique Wittebol (Voorzitter raad van bestuur Bink Kinderopvang; vicevoorzitter Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang): Het is een mooie stap omdat het gedoe met toeslagen verdwijnt en risico’s afnemen. Maar het is nog geen recht voor alle kinderen; gezinnen waar niet beide ouders werken vallen dan buiten boord en gaan naar andere, gefragmenteerde trajecten zoals peuterspeelzaal en VVE via gemeenten. Inclusief is het dus nog niet.

Mara Yerkes (Universitair hoofddocent Interdisciplinaire Sociale Wetenschappen, Universiteit Utrecht): Voor de arbeidsmarkt helpt het beperkt en het vergroot de vraag terwijl we al tekorten hebben: nu 5.000 tekort, oplopend naar circa 32.000. Gratis voor werkenden betekent dat huidige gebruikers mogelijk wat uitbreiden, maar niet-gebruikers die je juist wilt bereiken blijven mogelijk weg. Ook leeft soms de perceptie dat ‘gratis’ lagere kwaliteit betekent. Beleidsmatig moet je tegelijk sturen op betaalbaarheid, toegankelijkheid én kwaliteit. De keuze voor ‘bijna gratis maar alleen voor werkenden’ is ook een politieke compromis, geen puur evidence-based optimum.

Glenn van der Burg (Host): We moeten dus én aan de onderwijs-kinderopvangsamenwerking draaien, én kwaliteit borgen, én eenvoudiger financieren. En wat doen we morgen?

Monique Wittebol (Voorzitter raad van bestuur Bink Kinderopvang; vicevoorzitter Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang): Pak overregulering aan die professionals belemmert en kinderen niet helpt. Voorbeeld: basisgroepen. Een kind dat wil meedraaien met een andere groep in de BSO mag dat soms niet omdat het ‘niet in die basisgroep is ingedeeld’. Dan zet je er een onbekende zzp’er op één kind, terwijl meedraaien in een bekende groep met een vertrouwde pm’er beter en logischer is. Dat soort paarse krokodillen moeten weg. En binnen organisaties: ga met medewerkers in gesprek over roosters, uren en wat hen helpt om meer of anders te werken.

Mara Yerkes (Universitair hoofddocent Interdisciplinaire Sociale Wetenschappen, Universiteit Utrecht): Voor werkgevers in brede zin: erken dat ‘meer uren’ voor medewerkers een complexe afweging is door toeslagen, opvang, roosters en zorg. Help praktisch met inzicht in netto-effecten en met maatwerk in werktijden. Voor beleid: maak meer werken fiscaal aantrekkelijker en versimpel regelingen. Maar op korte termijn is het vooral dichtbij organiseren en in dialoog blijven.

Glenn van der Burg (Host): Dus morgen: dichtbij je mensen zitten, de complexiteit erkennen, samen puzzelen en paarse krokodillen wegwerken. Dank voor dit gesprek en het agenderen van het belang. Mara Yerkes van de Universiteit Utrecht en Monique Wittebol van Bink Kinderopvang. Dank voor het luisteren. Meer luisteren? Ga naar peoplepower.radio en abonneer je op onze podcast.