Transcript

Glenn van der Burg (host): Rechtvaardigheid begint bij luisteren. Maar wat doe je als mensen het vertrouwen in de overheid kwijt zijn? In Rotterdam-Rijnbond stond de Ombudsorganisatie voor die uitdaging. Signalen werden gemist, inwoners voelden zich niet gehoord. Is dat herkenbaar in jouw buurt? Dat is natuurlijk een beetje de vraag. Hoe maak je een organisatie echt toegankelijk? En hoe zorg je dat klachten leiden tot verandering? Te gast Marianne van den Anker. Ze is Ombudsman in Rotterdam-Rijnbond. Zo heet het instituut ook. En we praten met haar over wat ze aantrof. Wat ze ermee gedaan heeft om dat te veranderen. En wat wij daar allemaal van kunnen leren. Fijn dat je luistert naar Peoplepower. Leiderschap, leren, inzetbaarheid en inclusie. De laatste inzichten hoor je in Peoplepower. Marjan, fijn dat je er bent.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ja, dat vind ik ook.

Glenn van der Burg (host): Het is een beetje gek om ombudsman tegen een vrouw te zeggen.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Dat klopt, dus heb ik ook meteen afscheid van genomen. Het instituut heet wereldwijd ombudsman. En ook in allerlei niet-democratische landen heb je die ombudsman als institute. Het is de same name? Is het in het Engels ook een ombudsman? Ombudsman institute. Eigenaar woord is het eigenlijk. Ja, en dat betekent eigenlijk de stem van het volk. Het komt oorspronkelijk uit de Scandinavische landen. En je zei net al bij de introductie, veel mensen kenden de ombudsman niet in Rotterdam. Dus ik ben natuurlijk eens gaan rondscharrelen op Rotterdam Zuid met onze ambulance. Eerst wel bij bureaucraatse ongeluk. En dan zei ik, ken jij de ombudsman nog? En dan keken mensen mij aan en zeiden, je bent toch een vrouw? Dus we hebben het als volgt opgelost. Ik ben de ombudsvrouw van het instituut de ombudsman.

Glenn van der Burg (host): Nou, simpele oplossing. Fijn dat u er bent, mevrouw de Ombudsvrouw. Eerst maar even daarop inzoomen. Wat grappig, ik zit gelijk te denken, het is Scandinavisch, dus ik heb nu al de neiging om het als Ombuds te uitspreken.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ombuds is mijn instituut. We hebben zelfs een organisatie internationaal. Europese schaal. Er zijn landelijke ombudsmannen, lokale ombudsmannen, regionale ombudsmannen. Ombudsmannen voor een specifieke trak van sport. En in Nederland is ombudsflatie gaande. Dat betekent dat er steeds meer ombudsmannen ontstaan, ook bij universiteiten en hogescholen.

Glenn van der Burg (host): Dat klinkt ook alsof jij daar iets van vindt.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Nou, ik vind het fijn. We zijn maar met weinig mensen in Nederland. Ook als je kijkt naar het aantal FTE's dat beschikbaar is. Een Nationale Ombudsman bijvoorbeeld 250 mensen. Ik 25 mensen. Amsterdam ook een mannetje of 20. Utrecht 2. Den Haag een stuk of 7. En wij zien wel toe op goed bestuur. Dat wordt steeds belangrijker. Dus ik ben ontzettend voor ombudsflatie, maar het is wel belangrijk dat je een mandaat hebt en positie. En die hebben wij als lokale ombudsmannen wel, want ik ben gewoon benoemd door de gemeenteraad en heb dezelfde termijn als een burgemeester en de commissaris van de Koning in zes jaar.

Glenn van der Burg (host): Je bent al een beetje begonnen, dus dat komt mooi uit. Maar leg ons eens even uit, wij mensen die misschien helemaal niet zo vaak in aanraking komen met de ombudsmanorganisatie of met de ombudsvrouw in persoon. Wat doet die club van jou?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Die club van mij ziet toe op goed bestuur. We zijn behoeder van goed bestuur en wij kijken door onze ombudsbril naar de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, mensenrechten en kinderrechten. En wat doen we nou? Het bestuursorgaan waarop wij toezien, dat is de overheid en in mijn geval de gemeente, die mag natuurlijk eerst zijn eigen klachten oplossen, anders krijgen wij het veel te druk. En dan kun je in tweede aanleg nog naar een ombudsman toe en kunnen we opnieuw kijken en met de nieuwe bril van is de klacht door de gemeente goed behandeld en afgehandeld. Het gaat over het besluit, termijnen en de bejegening. Maar wij mogen ook algemene dingen onderzoeken. Dus we hebben ook een onderzoeksbevoegdheid en die gaat vrij ver. Dus we hebben stevige bevoegdheid. Die staan allemaal vastgelegd in verordeningen. En wat we natuurlijk proberen te doen, is op basis van die klachten te zorgen dat er een lerende organisatie komt bij de overheid. Want klachten zijn een cadeautje. Er is ook iets anders gaande in het land. Namelijk dat steeds meer mensen gaan klagen. Soms terecht en soms onderrecht. Dus we hebben ook wel een klein gedeeltjetje.

Glenn van der Burg (host): Dus klachteninflatie is er dus ook.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Er is ook een klachteninflatie gaande. Klopt.

Glenn van der Burg (host): Ja, aan de andere kant zou je ook kunnen zeggen, nou mensen zijn eindelijk mondig genoeg om überhaupt hun klachten te uiten.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Het heeft twee kanten. Er is ook AI natuurlijk gaande. Dus we zien ook daarin echt de afgelopen periode dat mensen gewoon gaan googelen. Wat kan ik doen? En er komen echt geweldige, briljante brieven binnen. Dat je echt denkt, dat heeft iemand niet zelf opgetikt. Maar voor ons is het belangrijk om altijd diep te luisteren naar waar mensen mee zitten. En vaak gaat dat over wantrouwen. Communicatie met de overheid is slecht. En je wordt ook vaak vanuit wantrouwen benaderd, terwijl je bent een goede trouw als je de hulp van de overheidsorganisatie soms nodig hebt.

Glenn van der Burg (host): Ja, en dan zit ik te denken. Stel je voor, ik heb in de omgang met de gemeente Rotterdam, breder volgens mij, want Rotterdam-Rijnmond is breder dan alleen maar Rotterdam. Maar met een van de gemeenten denk ik nou, ik ben niet tevreden. Ik zou ook naar de rechter kunnen stappen toch?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Dat kan.

Glenn van der Burg (host): Maar jij bent een soort tussenstap?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Nee, we zijn geen tussenstap. Het is allemaal ook in Nederland echt knetteringewikkeld geregeld.

Glenn van der Burg (host): Ik probeer het te snappen.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ja, we proberen het te snappen. Het is bijna niet te snappen. Want ook daar is een enorme, ook een lokettenjungle gaande in klachtenland. Want je kunt ook als je een hele stevige klacht hebt die echt de integriteit van het bestuur, bijvoorbeeld naar het Huis van Klokkenluiders, je kunt naar de rechter gaan, je kunt naar een sociaal advocaat gaan, je kunt naar sociale raadslieden gaan en je kunt ze ook naar de ombudsman gaan. En wij zien er eigenlijk, als je het heel simpel bekijkt, op toe dat de overheid zich behoorlijk gedraagt. En als er echt klachten zijn die al behandeld zijn door de gemeente of door een ander bestuursorgaan, dan kunnen wij daar nog een keertje naar kijken. Maar wij mogen dus echt, en dat is iets wat we de afgelopen periode veel vaker doen en steeds meer ook samenwerken met alle andere Ombudsmannen, was ook nog niet aan de orde toen ik startte. Iedereen deed zijn eigen loketje. Het is overal hetzelfde. Maar wij mogen ook echt op basis van wat wij zien aan de algemene signalen ook natuurlijk ten strijde trekken. In Rotterdam is bijvoorbeeld het hoogste slachtoffer aantal van het toeslagenschandaal. We zijn echt aardbevingsgebied. Als het gaat over slachtoffers van een toeslag, een schandaal. Je mag van mij ook geen affaire zeggen. Affaire heb ik misschien met jou, Glenn, ergens in een hotel. One of these nights. Dit is een voorbeeld. Dit is een associatie. Worden doen het toe. Het is echt een schandaal. Mensen is ongekend onrecht aangedaan. En daar kregen wij zoveel klachten van. Hoe zowel het Rijk omging met de financiële afwikkeling, maar ook de gemeente die verantwoordelijk is om mensen weer een nieuwe start te geven. Die klachten kunnen we niet losbehandelen, dat kost veel te veel tijd binnen een team van 25. Dus hebben we er ook wel weer iets voor verzonnen, namelijk alles in een mandje, strikje eromheen en dan proberen echt te strijden voor deze mensen en deze jongeren. Dat zij de komende periode echt door kunnen gaan met hun leven, want er is hen ongekend onrecht aangedaan. Dus op die manier proberen wij een beetje te variëren.

Glenn van der Burg (host): Ja, nou als je nou aan het luisteren bent en denkt, goh wat interessant, dit wist ik allemaal nog niet over de ombudsmannen. Ik vind dat moeilijk, ik probeer altijd alles te ontseksualiseren. Ik zeg ook al jarenlang vakmensen in plaats van vakmannen. En dan zeggen mensen ook, oh wat is dat dan? Je moet weg van het geslachtklem. Wat is dan een vakmens?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Het is gewoon de stem van het volk. Dus in de democratie heb je macht en tegenmacht. Wij zijn instituten die zorgen voor tegenmacht.

Glenn van der Burg (host): Maar als je een thuisdier bent en denkt ja maar dit is toch niet een uitzending voor algemeen openbaar bestuur en hoe dat dan werkt. Nee dat klopt, maar dit is even context zodat je snapt waar we het over hebben. Nu komt waar we het echt over gaan hebben en dat is namelijk dat jij bent Volgens mij zag ik in 2022 aangetreden.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Vier jaar ben ik nu onderweg van een periode van zes jaar.

Glenn van der Burg (host): En toen jij aantrad trof jij de organisatie in een bepaalde staat aan. Die mag je straks zelf gaan omschrijven. En jij bent mij zeer warm aanbevolen omdat jij op een nogal onorthodoxe manier te werk bent gegaan om de organisatie die je aantrof om te vormen tot iets anders. Nou, daar heb ik nog geen waardeoordelen uitgesproken. Dus mijn vraag aan jou is, toen jij begon, wat trof je aan?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ik trof een organisatie aan en ik wil niets tekort doen aan de vorige ombudsman, die vooral op kantoor aan het wachten was op klachten. Dus er niet op uittrok. Reactief.

Glenn van der Burg (host): Reactief.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Het tweede wat ik aantrof was een organisatie die zich vooral heel zuiver richtte op klachten over de gemeente. Terwijl mensen die in de problemen zitten ook vaak te maken hebben met duo of de belastingdienst of een zorgverzekeraar of een jeugdhulpverlener. Dus die werden dan eigenlijk ook in moties gehakt, want alleen de klacht over de gemeente kon door de lokale ombudsman worden behandeld. Heb ik ook afscheid van genomen. Ik trof een organisatie aan waarbij onafhankelijk en onpartijdig betekenden geen contact mogen hebben met de gemeentelijke overheid, ook niet met de ambtenaren, want je moest afstand bewaren. En ik trof een organisatie aan waarbij eigenlijk de medewerkers niet eens een mobiele telefoon hadden. En alle mailtjes ook gecheckt moesten worden die eruit gingen door de Ombudsman. En mensen waren ook niet rechtstreeks en direct benadebaar.

Glenn van der Burg (host): Klinkt wat amtelijk.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Zeker, zeker.

Glenn van der Burg (host): En jij had een ander beeld.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Zeker, zeker.

Glenn van der Burg (host): Want als je dat niet had, dan had je het gewoon lekker kunnen laten zoals het was.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ja, dus het eerste wat ik heb gedaan is het holy ground principe toegepast. Dus gezegd in mijn eigen team, maar ook in de buitenwereld. Als mensen door iets of iemand in de prak worden gereden of onheus worden bejegend en er is overheidsgeld in vragen of er wordt een ambtelijke of wettelijke taak uitgevoerd, dan kun je bij mij terecht. Dus ik heb een grote broek aangetrokken. Ik heb gezegd, we pakken het holy ground. Je leeft op onze heilige Rotterdamse kapelse, voorna-Azese en Isamaitse bodem. En alles wat met overheidsgeld wordt betaald en je hebt daar klachten over, kom bij mij terecht. Dat vond iedereen natuurlijk best wel pittig.

Glenn van der Burg (host): Maar even dat ik het goed snap. Stel je voor dat iemand studeert in Rotterdam. Die heeft gedoe met duo, want zijn studiefinanciering, weet ik niet. Eigenlijk moet hij naar loket ABCD, weet ik niet precies. Maar die belt bij jullie aan en dan is het antwoord. Wij gaan toch rennen voor jou.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Wauw. En dat betekent, en eigenlijk kan ik het niet waarmaken, want ik heb het mandaat niet. Dus de overkant kan heel makkelijk denken, ja lekker. lokale ombudsman, je gaat over de gemeente Rotterdam, dikke doei, maar ik accepteer dat niet. Dus ik heb het mandaat niet, maar ik gedraag me wel zo, omdat het namelijk vanuit de leefwereld zo logisch is als wat, dat je niet opgeknipt wordt. En een van de allerbelangrijkste punten waardoor mensen ook het wantrouwen richting de overheid versterkt voelen in hun zijn, en je hebt niet altijd de overheid nodig, maar als je een kind hebt wat bijvoorbeeld gehandicapt is, of je bent mantelzorger, of je hebt al meerdere schulden, of je hebt een bedrijf met corona schulden en je komt er niet uit, dan word je eigenlijk ook naar al die losse loketjes gestuurd en er is niet sprake van een holistische integrale klachtbehandeling. Dat is het eerst wat ik heb gedaan. De stoute schoentjes aangetrokken en gewoon gezegd ik breng de leefwereld zoals mensen naar de overheid kijken, als één overheid, breng ik terug in mijn praktijk.

Glenn van der Burg (host): Even een stapje terug. Want jij wordt op een gegeven moment aangesteld. Je wordt niet verkozen door enig democratisch gedoe toch?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Zeker. Ik word aangesteld door de gemeenteraad. Samen met de Rekenkamer zijn wij hulptroepen van de gemeenteraad. Gemeenteraad toch even een klein cursusje openbaar bestuur. Het hoogste orgaan in de lokale democratie. We hebben recent verkiezingen gehad, 16 maart. Opkomst in Rotterdam was weer het laagste van het land. 40 procent en een beetje. Maar mensen zijn het vertrouwen kwijt. Een van de allerbelangrijkste dingen die ik dacht, er komt een heel mens bij mij op kantoor midden. Of een heel gezin. En met al hun ideeën over wat er anders zou kunnen en wat er misschien niet goed gegaan is. Ik pak dat hele mens met alles erop en eraan pak ik beet. Dat is één. Dat was verandering één.

Glenn van der Burg (host): Waar ik aan zit te denken, voordat je doorgaat naar verandering twee. Ik zit te denken, jij hebt een officieel mandaat, dat is vastgelegd in stukken en zo. En je hebt het mandaat, want je bent verkozen door de gemeenteraad. Die straks, misschien al nu, ik weet niet hoe snel dat gaat, maar die op een gegeven moment vervangen is, weer door nieuw mensen. Hoe ga je daar dan mee om? Want jij wil dingen doen die volgens mij iedereen prachtig vindt, want iedereen zit nu thuis te klappen. Dus je denkt hè, eindelijk iemand heeft het door. Maar ook jij bent gewoon een mens en ook jij kan een zet krijgen en ineens verdwijnen van het toneel omdat je te ingewikkelde dingen aan het doen bent.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Het voordeel van een ombudsman zoals wij in de wet staan is dat wij natuurlijk de luis in de pijl zijn. Dus wij zijn ontzettend goed beschermd. Want anders zou de macht namelijk bij een te irritante ombudsman ons meteen terzijde kunnen schuiven. Dus ik mag nog twee jaar door, tenzij ik in de gevangenis kom voor een vrij stevig strafbaar feit, ik gedwongen wordt opgenomen in een psychiatrische kliniek of persoonlijk failliet ben verklaard. Nou, dat zijn terechte dingen, want dan kan je niet meer goed functioneren. Dus we zijn heel goed beschermd, juist vanwege het feit dat wij tegen dat lokale bestuur, tegen de overheid natuurlijk af en toe de boodschap komen brengen. U hebt het niet goed gedaan.

Glenn van der Burg (host): Ja, en sterker nog, u dient dat anders te doen.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): En u dient dat anders te doen. En ook daarin heb ik een nieuwe stijl toegepast. Want vroeger was het ook zo dat de ommutsman die bracht een rapportje uit. En dan verwacht je met dat rapportje met aanbevelingen dat er wat gebeurt. En ik heb juist gedacht...

Glenn van der Burg (host): Dat ging in een la.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): in hun la en als je niet met elkaar tot een understanding komt. Jij gaat pas van mij iets overnemen, Cleen. Als jij denkt, ze zegt leuke dingen, ze zegt goede dingen, ze zegt het op een sympathieke manier. Ze pakt de boel echt stevig beet en dat is maar goed ook. Dus ik ben ook heel erg bezig om juist samen in dit geval met de gemeente Rotterdam, maar ook met de omliggende gemeente te kijken. Waar zitten nou de grootste problemen die mensen ervaren en kunnen we daarop samenwerken? Daar ben ik knetter trots op. Dus we hebben inmiddels, bijna twee weken geleden, onze eerste recente doorbraakagenda die we samen met het bestuur van de stad hebben opgesteld, gepresenteerd aan de stad. En zo kun je dus zien dat klachten die iedereen ervaart uiteindelijk op een agendatje kunnen komen. En dat heet dan gewoon een doorbraak regelen. En als je een doorbraak hebt geregeld kun je een feest vieren, kun je de slingers ophangen. En als je dat doet, dan zul je ook zien dat mensen in de stad en in de omgeving van waar wij werken denken, wauw, het kan dus wel. Er kunnen wel dingen veranderen. En daar word ik heel blij van, want ik ben dus een wijfje van de publieke zaak.

Glenn van der Burg (host): Nou, met het wijfje van de publieke zaak gaan we zo lekker verder praten namelijk. En dan gaan we het niet per se hebben over wat ze dan allemaal voor elkaar heeft gekregen, maar wel hoe doe je dat dan? Want daar zitten we allemaal mee in organisaties en dat hoor je zo. Met in de studio Marian van den Anker, ombudsvrouw in Rotterdam-Rijnmond bij het Ombudsmaninstituut. Volgens mij deed ik het nu best aardig.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Spot on.

Glenn van der Burg (host): All right. Dus jij had een ander beeld van wat die ombudsmanorganisatie zou moeten zijn. Dus als je bij ons aanbelt, kom je binnen. Wat waren nog meer dingen die echt fundamenteel anders waren dan hoe het hiervoor ging?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): absoluut afrekenen met het idee dat je gaat wachten op klachten. Ik heb gewerkt bij de politie en daar hadden we brengklachten en haalklachten. Met brengklachten kon je de hele dag door als politie je werk doen. Maar haalklachten en haalprocessen verbaal gaat echt over waar denk je als politie dat het mis zou kunnen gaan. Dat kan bijvoorbeeld in de haven zijn, omdat daar illegale spullen worden vergokt. Dat kan milieucriminaliteit zijn, dat kan ondermijning zijn. En die mensen komen niet vanzelf aan jou vertellen dat het niet goed gaat. Ik gebruik het voorbeeld vaak van de vergiftigde vis. Nou, die komt echt niet gezellig na een illegale lozing in het politiebureau binnen lopen. Ik trek het niet meer. Maar het is er wel. En wij hadden een praktijk waarbij alleen maar werd gekeken, dus ook door die bril vervolgens natuurlijk wordt bepaald van dit zijn de klachten die binnenkomen, voor de rest niks aan de hand. Maar veel mensen wisten de ombudsman niet te vinden. Mensen hebben ook geen vertrouwen in dat als je gaat klagen dat er uiteindelijk ook echt verschil wordt gemaakt. En heel veel mensen zijn niet mondig genoeg, spreken de taal niet, et cetera, et cetera, et cetera. Dus het idee binnen zitten en wachten op klachten, dat vond ik onverantwoord. Dus in eigenlijk, ja, Parallel denken wat ik bij de politie heb meegemaakt. We moeten ook klachten gaan halen. En we hadden toen ik startte nul klachten van Rotterdam-Zuid. Nou dat was natuurlijk raar. Ik deed zo'n postcode scan. Ik zeg nou jongens vertel eens even. Ik heb overigens een geweldig team. Want alles wat ik hier ga vertellen nog en ik ben enthousiast. Ik kan wel drie uur vol lullen. Dat kan allemaal. Dat kan alleen maar mogelijk worden gemaakt omdat wij een waanzinnig fijn, tof team hebben. Dat zal ik straks ook nog wat meer over vertellen. Maar we zijn er dus op uitgetrokken. Dus we hebben een mobiel kantoor, de ambulance. Mensen vinden het ook niet leuk om natuurlijk meteen te vertellen over hun klachten. Dus we hebben er ook een beetje humor bij toegepast. Ik geloof enorm in de kracht van humor. Dus we hebben dan zo'n koffertje bij ons, zo'n verbandkistje. Eerste hulp bij bureaucratische ongelukken. En dan kan je meteen een leuk gesprek met mensen. Ambulance is natuurlijk een fantastisch woord.

Glenn van der Burg (host): Hoe ziet dat er dan uit?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Hij lijkt op een ambulance, alleen hij ziet er dus ook gewoon in dezelfde vorm, dezelfde alles. Alleen dan heel vrolijk bestikkerd. Mensen kunnen het zien. We hebben een geweldige communicatie afdeling. Zij ziet er super leuk uit. En ook voor de kinderen hebben we, omdat we niet alleen ombudsman zijn, maar ook kinderombudsman. Dat was overigens tot voor kort Stans Goudsmit, de kinderombudsvrouw. Maar nu hebben we Wouter Struik, de kinderombudsman. Die mag daar werken. zeggen dat die man is, want hij is ook een man. Met ook allemaal elke keer weer dat we de straat op gaan naar markten of we gaan bijvoorbeeld naar scholen, want we weten dat er wat speelt. We gaan bepaalde wijken in, want we denken hier is wat aan de hand. En het belangrijke daarvan is dat wij zijn heel erg gebaat met z'n allen als de informatiepositie van een ombudsman heel groot is. Wat bedoel ik daarmee? Als ik het hele palet kan overzien waar mensen allemaal last van hebben. We kunnen niet alles oplossen met z'n allen in één keer. Dan kunnen we heel gericht gaan kijken. We zien nu heel veel klachten rondom het toeslagenschandaal. We zien nu heel veel klachten rondom, ik noem dat zimmen, een bewerkwoord voorgemaakt. Samentrekking van zeggenschap, inspraak, meepraat, meebeslissen. ons echt een hot topic. Dus mensen denken dat ze ergens over mee mogen praten. Dat heet vaak participatie. Mensen die luisteren herkennen dat wel. Je mag naar een participatieavond komen, want er komt misschien een woontoren of de gemeente wil iets veranderen op het gebied van parkeren. Maar feitelijk ervaren mensen heel vaak, dat is ook zo, dat het besluit al genomen is. Het komt op een participatieavond, maar het besluit is al genomen. Je krijgt niet de juiste informatie. Het is afwinkparticipatie geworden. Daar krijgen we veel klachten over. Dus we trekken er ook op uit. Klachten halen, zodat we goed weten wat speelt er in de stad, wat speelt er in de regio en hoe kunnen wij daar met ons kleine team iets tegenover stellen. Nou, iets tegenoverstellend, zei ik net ook al, normaal klassiek een rapportje, dat wordt besproken in de gemeenteraad, er komen aanbevelingen, zegt de bestuur van de stad, natuurlijk allemaal fantastisch gedaan om en smal, gaan we mee aan de slag, moeten wij de hele tijd weer rappeleren, schiet niet op. Dus we hebben een heel palet gemaakt aan hoe kunnen we impact maken. Er zijn de ambulances daar bijvoorbeeld van. We hebben ook een podcastserie gemaakt.

Glenn van der Burg (host): Wat zeg je?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Waarbij altijd iemand zit die ergens last van heeft. En een changemaker die het verschil kan maken. Bijvoorbeeld de nieuwe burgemeester van Rotterdam hadden wij al vrij snel in onze podcastserie. We maken televisie samen met Open Rotterdam en Rijnmond. Dat heet Oplos Koffie. Dat is echt heel leuk geworden. We gaan beginnen aan seizoen vier. Het wordt met superveel humor gemaakt. Maar het is ook bloedserieus. We hebben een samenwerking met een theatergroep, het Mark Theater. Dus in plaats van een rapport schrijven, maken we met hen en zij hebben de volledige artistieke vrijheid theaterstukken.

Glenn van der Burg (host): Maar wie gaat er dan naar het theaterstuk?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Daar nodig je de hele raad voor. We nodigen de mensen uit vanuit de raad, maar ook professionals. De eerste ging bijvoorbeeld over dak- en thuisloosheid. En dan nodigen we en politiemensen uit van zo ervaren mensen dat, maar ook de dak- en thuislozen zelf. We gaan er nu eentje weer publiceren, want we zijn 20 mei bestaat Ommesma Rotterdam Rijnmond als eerste van het land hadden we die 50 jaar. En dan gaan we weer met de nieuwe theatershow komen. Maar de Kinderen om het Schouw heeft bijvoorbeeld een enorm geweldig onderzoek gedaan naar thuiszitters. Dan gaan we ook niet alleen een rapport maken. Dan hebben we een tentoonstelling waarbij een hele mooie fototentoonstelling is van kinderen die thuis zitten en kinderen die niet thuis zitten. En je kan op basis van die foto's, zie je het al. En dan zie je het leed en dan voel je het leed. We maken er ook weer aanzichtkaarten bij. We rijden nu rond met een grote afvalbak waarbij we zeggen, alle schulden die mensen in Nederland hebben, ja, dat is echt dramaat. Natuurlijk moeten mensen opletten en je moet natuurlijk ook gewoon geen dure harsnagels nemen als je gewoon dat niet kan betalen. En zo zijn er wel meer uitgaven waarvan je denkt, ja, mensen niet doen. Maar in principe komen veel mensen niet rond. en komen ook vaak in de schulden omdat er te weinig geld. We hebben een vaste lastenprobleem in Nederland. Dus ik hoop dat ook echt heel veel mensen dat helder hebben. Want als je van een uitkering moet rondlopen of zelfs rondkomen of zelfs als je werkt, maar je hebt bijvoorbeeld vanwege de wooncrisis een huurcontract bij een commerciële verhuurder, gaat het al vrij snel mis. Want dan ben je soms wel gewoon meer dan een derde kwijt en soms nog wel meer voor je huurinkomsten. Nou, de benzine gaat nu omhoog. Dus mensen kunnen vrijstel in de problemen komen. Zit je eenmaal in de schuldenellende, dan zit je pas echt in de lokettenjungle. Dus we hebben nu ook weer iets nieuws bedacht. We hebben massa is kassa. We hebben allemaal logo's van partijen op die kliko geplakt. Gooi het op een hoop, is symbolisch. Werk vanuit één loket aan het feit dat mensen schulden hebben. En niet ook weer 25 instanties die zich allemaal met een snippertje bemoeien. Dus we proberen op een hele creatieve manier Dingen te agenderen, mensen bij elkaar te brengen die het verschil kunnen maken, want ook dat heb je nodig. En ervoor te zorgen dat we impact kunnen maken vanuit het ombudsgeluid.

Glenn van der Burg (host): Oké. Voordat je de hele uitverzending gaat vullen met ongelofelijke mooie voorbeelden wat je allemaal voor elkaar hebt gekregen en bedacht hebt, of wat jullie hebben gedaan, want je zei al we doen dat samen, achter elke sterke vrouw staat een team, zou ik bijna zeggen.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Zeker.

Glenn van der Burg (host): Ik stel me dan voor, je komt binnen. Die organisatie is is ambtelijk. Er zit iemand te wachten. We zitten te wachten totdat er klachten binnenkomen. Die gaan we dan officieel behandelen volgens de procedure. En dan gaan we een rapport maken en dat bieden we dan aan. En dat is het dan eigenlijk wel. Wat jij allemaal, nou sowieso wie je bent, denk ik, maar ook wat je allemaal meeneemt en wat voor ideeën er allemaal zijn en wat je nu, hoe je het nu doet en wat er nog meer aankomt. Ik kan me zo voorstellen dat dat een soort aardbeving is. Dus hoe heb je er dan voor gezorgd dat die hele organisatie met je mee is gaan bewegen? Want het tegenovergestelde kan natuurlijk ook gebeuren dat jij binnenkomt met al je flamboyantie en dat mensen denken zo, die is gek. Dat gaan we niet doen. We gaan niet in de ankers.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ja, we gaan niet in de ankers, we gaan niet mee bewegen, we gaan niet meezwemmen. Dat klopt, dus een aantal mensen is ook vertrokken. Die hebben gewoon een andere baan gezocht. Die dachten, flyer op de markt, dat ga ik niet doen. En ook niet contact zoeken met ambtenaren, want we horen afstand te hebben. Dus om het man, u bent echt op een verwerpelijke manier bezig om ons vak te grabbelen te gooien. Maar tegelijkertijd was er echt ruimte bij het team, toen ik binnenkwam, om echt die verandering te willen bewerkstelligen. Waar ik mazzel mee had, was dat er ook een vacature was geplaatst voor de nieuwe ombudsman, waarin nadrukkelijk ook door de gemeenteraden was gezegd, wij zoeken echt een ander soort ombudsman. Het was ook altijd zo dat mensen rechten gestudeerd moesten hebben die ombudsman werden. Dat is eigenlijk in heel het land nog zo. Ik ben eigenlijk de enige ombudsman die bestuurskunde en criminologie heeft gedaan. Helemaal nul rechten. Veel mensen zijn ook oud-rechter en daar is gelukkig nu ook een verandering in gekomen. Dus ik had ook mazzel dat er een vacature werd geplaatst waarbij Er werd nadrukkelijk gezegd, we zijn op zoek naar een boegbeeld die de stad en de straat kan verbinden, die systeem en leefwild kan verbinden en in beide werelden actief is. Dus ik denk dat dat ook belangrijk was. Dus desgevraagd aan het team, die natuurlijk zelf ook mede hadden gewerkt aan deze vacature, en de stad zelf, was het ook logisch dat er een nieuw vuurtje zou gaan branden en dat er nieuwe wind zou gaan waaien. Maar dan nog, denk ik. Ik denk ook wat meegespeeld heeft is dat ik zo intrinsiek gemotiveerd ben, zo intrinsiek gemotiveerd. Er is weinig van te merken trouwens. Dit is wat je krijgt. En ik ga de rest van mijn leven ook niet zonder mensen die puur commercieel zijn, maar ik ga niet meedoen aan heel goed ergens manager zijn en dan iets verkopen waar we met z'n allen niet van opknappen, terwijl we weten dat het niet oké is. Dus ik heb een supersterk moreel kompas dat zit nadrukkelijk op rechtvaardigheid. Ik wil heel graag mensen helpen. Ik wil de overheid beter maken. Dat komt ook weer door die politieachtergrond. Want ik heb bij de politie gewerkt en met name op het terrein van de zwaar georganiseerde criminaliteit. En ik zie het in de Rotterdamse stadswijken. Als de overheid er niet voor mensen is, dan is de georganiseerde criminaliteit er wel voor deze mensen. want die hebben wel voor jou een leuk klusje waardoor je vanavond kan eten. Dus ik zit er ook heel erg diep gedreven in. We moeten die publieke zaak opkrikken, opvijzelen en het is, het gaat, Glenn. tergend, razend, langzaam. Dus ik heb wel in de strategie met mijn team moeten afspreken. Ankertje, dat is nu ook voor de afgelopen periode wel een beetje aan de orde gebleken. Ik heb wel van mijn team te horen gekregen, je moet iets meer vertragen. Dus ik heb ook wijze lessen. Je kan niet harder trekken aan het gras, dan gaat het er niet sneller van groeien. Maar het irriteert mij enorm Ook voor de luisteraars die afhankelijk zijn van de overheid. Er wordt vaak neergekeken op de overheid. Werkt B garnituur? Nou, dat is helemaal niet zo. Werken onwijs gedreven mensen, maar het gaat wel razend langzaam. En alles wat vanzelfsprekend is, waarvan je zou verwachten dat regelt de overheid toch op een hele slimme manier, want er werken toch ook geen idioten. Alles wat vanzelfsprekend is, is het allermoeilijkste om te veranderen. Het is niet te geloven.

Glenn van der Burg (host): Dus, jouw mandaat, maar ook jouw opdracht, los van het feit wees een ombudsvrouw, was ook doe het op een andere manier. Dichter bij de mensen, verbinding tussen. Tweede is, jij als mens bent nogal gemotiveerd, dus dat helpt vanuit het goede. Ik kan me heel goed voorstellen dat dat op mensen die dat ook hebben, enthousiasmeert. Die mensen die zaten er ook al, die deden al wat ze deden en die zaten er al een tijd.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ja, we hebben heel veel geïnvesteerd in het team en ik denk dat dat ook nog wel belangrijk is.

Glenn van der Burg (host): Leg dat even uit dan, hoe?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ik ben niet een leider, leider, baas, baas. Dus ik ben heel erg van het samen doen. We hebben het ook over de Ombudsfamilie. We zijn echt heel nadrukkelijk op elkaar ingespeeld. En niemand is te beroerd om wat te doen. Dus ik loop zelf ook de glyco leeg te halen. Ik heb ook geen vaste plaats. Dat heb ik ook als eerste opgegeven. De Ombudsman had een eigen mooie kantoor en er werd elke week voor haar een bloemetje neergezet. Allemaal afgeschaft. Ik loop ook elke dag tussen tussen zeulen met mijn zooi, waar er een plekje is in de kantoortuin. Dus heel erg met elkaar dat doen en volledige rugdekking geven. Iedereen mag alles bij mij in het team doen. Ideeën brengen, fouten maken. Het is all oké. Ik geef altijd rugdekking. Always. Ik zal nooit iemand van mijn team voor de bus gooien. Never, ever.

Glenn van der Burg (host): Ik druk even op pauze. Dit zegt iedereen. Kom vooral langs. Als je ziet dat dingen anders moeten worden, laat me het weten. Je mag fouten maken. Dat hoor je in alle organisaties. Jij zegt het. Mijn eerste gedachte is natuurlijk super goed. Mijn tweede gedachte, omdat ik dit al een jaar of elf doe achter deze microfoon, is ook hoe dan? Want heel veel mensen zeggen het, maar bij heel weinig mensen werkt het.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ja, ik denk door ontzettend te vertrouwen op je team en ook echt daadwerkelijke ruimte te geven. Dus er is bij mij altijd ruimte voor goede ideeën. En ik moest in het begin heel veel voordoen. Ook bijvoorbeeld om naar de media te stappen, want daar kom ik natuurlijk vandaan. Dus ik vind het helemaal niet ingewikkeld om naar de media te stappen, de media ook strategisch te gebruiken of voor een microfoon of voor de camera te gaan zitten. Maar daar moesten we de mensen ook echt een beetje in helpen, dat het ook onderdeel was van ons vak en dat er ideeën voor mochten komen en dat mensen ook echt zelf de stap naar voren konden doen. Maar in het begin moest ik veel voordoen en nu zie ik in mijn team dat mensen zelf opstaan, zelf ideeën hebben, zelf met projecten aan de slag gaan. Dit is fantastisch om te zien en tegelijkertijd is het ook zo Als je het hebt over een open team waarbij heel veel mensen ook familierelaties met elkaar hebben in de zin van zoals wij thuis doen, zo doe je het op kantoor ook. Daarin heb ik wel ontdekt dat de upside is voor het team en was voor mij ook heel makkelijk. Namelijk je hebt een nieuw huis gekocht of je verjaardag of je hebt een sterfgeval. We hebben heel veel lol, we hebben een ombudsfun app. Er wordt van alles en nog wat ingedeeld. En met name het elkaar supporten en leuk hebben en fun hebben. Dat is eigenlijk één kant van het ontwikkelen van een teamcultuur die heel makkelijk is. Maar er hoort ook een andere kant bij. Namelijk zeggen dit is niet oké. Daar hebben we hard aan moeten werken met elkaars. Hebben we ook externe trainingen voor gehad. We elkaar echt moeten leren aanspreken. En ik heb daar zelf ook wel wat missertjes in gemaakt. Want voor mij is het heel veel zelfsprekend. Dus ik zeg tegen, ja fantastisch gedaan. Maar de volgende keer zeg ik, ja dat heb je gewoon kut gedaan. Dat is voor mij twee kanten van dezelfde medaille. En ik ben natuurlijk gedreven. Ik kan ontzettend variëren met mijn stem. Maar ze weten op kantoor ook, het is jammer dat jullie dat niet hebben. Als ik On fire ga ik echt on fire. En ik denk zelf, van mezelf, dat denken denk ik ook heel veel leiders. Ik ben toegankelijk, ik ben rustig, maar dat is niet zo. Ik denk over mezelf, Glenn, zoals ik voor jou zit. Iedereen kan aan mij zien dat de vulkaan al rookt. Iedereen kan zien dat er al lava uitkomt. Iedereen kan zien dat ik binnenkort ga barsten en dat het uitbarsten al begonnen is. Je ziet het aftelklokje op je voorhoofd. Maar dat is niet zo. En dan kan ik, en dat heb ik echt moeten leren en heeft mijn team mij ook teruggegeven, daar krijg ik nu al coaching voor, dat ik dat te lang laat oplopen. Ik denk dat mensen dat al zien. En dan kan ik je vertellen, ik klink heel vrolijk en ik houd onwijs van humor, maar ik kan een serpent van je welster zijn. En dan kan ik verzuurd overkomen en mensen schrikken daarvan. Dus het is elke keer weer ontzettend hard werken met elkaar. En de leider leidt, dus iedereen kijkt ook naar mij. En leiders vergeten vaak dat je kunt wel zeggen mijn deur staat open, maar je bent toch de leidinggevende. Je bent toch de eindbaas. Je bent toch de bestuurlijk verantwoordelijke. Dus dat is wel voor mij ook een leerpunt geweest. Dus ik vraag actief om feedback.

Glenn van der Burg (host): Hoe doe je dat?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): We hebben daar de momenten voor in het team die we hebben ingelast. Maar we hebben ook de afgelopen periode met elkaar heel veel getraind op het aanspreken. Dat doen we dan ook af en toe even oefenen en het uitvragen. En ik denk dat dat heel belangrijk is. Maar nogmaals, ik geloof ontzettend in een familiaire cultuur en daar werk ik ook hard aan.

Glenn van der Burg (host): Jij zegt heel terecht, er zitten twee kanten aan. Het is gezellig en dat is leuk, maar dat knettert ook zo nu en dan. En dan moet je ook... Nou ja, tenminste, zo zie ik dat heel vaak. Ik zie dat zeker bij mijn eigen kinderen. Die kunnen gruwelijk ruzie met elkaar maken. Ondertussen een stuk minder, ze zijn wat ouder. Maar vroeger konden ze gruwelijk ruzie met elkaar maken. Het mooie daarvan is, je bent broer en zus. Tenminste, in mijn geval zijn mijn kinderen broer en zus. En dat zullen ze hun hele leven blijven. En daardoor kunnen ze ook ruzie met elkaar maken. Want ja, je kan het moeilijk uitmaken of zo. Dat werkt niet. Maar dat is best lastig om dat te creëren. Want wat ik altijd zo interessant vind, is dat we praten er altijd in de setting van de organisatie, praten we dan over, ja, je moet elkaar kunnen aanspreken en confronteren en weet ik veel wat allemaal. Nou, dank je de koekoek. De meeste mensen, die krijgen het thuis met hun eigen partner niet eens voor elkaar of hun eigen kinderen. Het is laat staan op het werk.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Het is ook een van de moeilijkste dingen om te doen. We hebben denk ik op twee manieren geluk. Het eerste is dat er bij mij op kantoor bij de Omroep Zwan super gedreven mensen werken die ook allemaal hun tijd, hun ziel en zaligheid willen geven om elke dag, want we zitten natuurlijk niet in de feestfabriek, we krijgen alleen maar ellende verhalen te horen. om die mensen echt te helpen en de overheid fatsoenlijker, beter, rechtvaardiger te maken. Die gedrevenheid is gigantisch, dat helpt enorm. Ze hebben een gemeenschappelijke missie. Het tweede wat helpt, is dat wij heel vaak een overheid tegenkomen die geen sorry zegt. Dus wij zeggen de hele tijd, als je dingen wil veranderen, dat betekent ook dat een overheid fouten maakt. Overheid, politici, zeg dat nou eens. Dat gaat enorm helpen. Dus wij spreken heel veel mensen waarvan we zeggen, sorry zeggen kan helpen, want je hebt het gewoon niet goed gedaan. En mag ik dan even namens mijn collega's in de media zeggen, als dan een politicus of een overheidsdienaar sorry zegt, ga dan niet lopen zeiken dat dat niet genoeg is. en ga ook meteen ook vanuit de media al die bestuurders die dat willen doen. Want ik ben zelf ook wethouder geweest. Je gaat niet de politiek in als je denkt dat alles oké gaat. Je gaat de politiek in omdat je dingen wil veranderen. Dus je komt dingen tegen die niet goed gaan. Je gaat ook de politiek niet in omdat je rijk wil worden. zeker niet en ook niet wat je denkt van gezellig ik kan nog leuk over straat en ik krijg allemaal geen gezeik aan mijn kop want dat is ook op dit moment natuurlijk meteen ik zit er niet op dat verschrikkelijke kanaal daar allemaal ik zit er niet op maar ik denk dat het ook belangrijk is dat in ons team er sorry wordt gezegd. En we hebben een fantastische, ik hou er ook van, ik hou van woorden. Dus je hebt in heel veel bedrijfsorganisaties, heb je natuurlijk een CFO en je hebt allemaal van dat soort types. Maar ik heb een QOO. Dat is de queen of the office. En dat is onze Eva. En zonder haar functioneren we niet. En dat geldt eigenlijk voor iedereen. Iedereen in het team heeft een plek waarvan we weten zonder jou functioneren we niet. En wij krijgen alles op ons bord. En het is super moeilijk om onze organisatie in te richten, want we hebben zes gemeenten in de regio waarvoor we moeten werken. Werk je met account of niet? Maar we hebben bijvoorbeeld ook van parkeerboetes, die stapelen, tot de aanvraag voor je bouwvergunning die niet werkt, tot toeslagenschandaal, tot dingen rondom het gebied van overlast. Maar we kunnen natuurlijk niet met die 25 man waarbij we ook nog allerlei reguliere dingen moeten regelen, iedereen specialiseren in van alles en nog wat. Dus wij moeten ook, we kunnen niet anders dan elke keer elkaar voeden, elke keer elkaar helpen, elke keer haar steunen. En ik denk dat het enorm helpt dat we een soort strijdclub zijn van liefde. We zijn een lieveluis in de pels. Dus ik geloof heel erg dat als je een familie cultuur met elkaar neerzet, maar ook een gemeenschappelijk doel waar je echt in gelooft. En dan helpt het ook dat we relatief klein zijn. Dus het is niet een tent met 900 mensen met allemaal losse teams. En we zijn een klein vlootje, dus wij moeten gewoon elke keer kantelen.

Glenn van der Burg (host): Maar ook in een team van 25 mensen kun je natuurlijk gewoon, kan je afdelingen krijgen die andere tegengestelde belangen hebben of die dan zeggen ja nee daar zijn wij niet van, daar zijn die anderen van. Dat zie je in de kleinste teams zie je dat al ontstaan. Maar je legt een hele belangrijke nadruk op dat familiegevoel, dat snap ik ook. Maar toen jij binnenkwam was dat helemaal niet. Los van dat je jezelf bent wat helpt, dat je een enthousiast mens bent, dat je het voorbeeld geeft. Moet je ook dingen gaan doen met elkaar. Dus wat ben je gaan doen om dat familie gevoel te gaan creëren?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Nou toch wel ja, ik denk dat wij er niet zo goed in zijn als als organisatie dat echt veel professioneler inzetten. De scrim en bij elkaar komen en die weet ik het allemaal niet meer. Maar we hebben natuurlijk wel veel met elkaar gebabbeld, ideeën bedacht, op het team Tweedaagse geweest, geborreld, buiten kantoortijd met elkaar dingen doen. Dus wel heel erg geïnvesteerd. En wat denk ik ook helpt is dat we een heel gevarieerd team zijn. Dus we lijken niet allemaal heel erg op elkaar. Dat zoeken we ook bewust de mensen op uit. Het is oud en jong, meerdere geuren, kleuren, smaken, overtuigingen. De één sport wel, de ander rookt zich een ongeluk. Waaronder ikzelf ook af en toe nog een gezellig sigaretje rook. We hebben verschillende geloven in huis. We hebben iemand die opa is. We hebben mensen die net een kind hebben gekregen. Dus ik denk dat dat ook heel lekker is en leuk is dat we super gevarieerd zijn samengesteld. Dus ik denk, investeer in elkaar, maar met name, ik geloof daar echt in, een gemeenschappelijk doel hebben. Echt een gemeenschappelijk doel hebben. En dat doel is groter dan wie wij zijn. Dus wij zitten echt, we hebben geen baantje voor waarvan je ook denkt, ik ga gewoon naar mijn werk en ik doe eens dingen. We zijn allemaal waanzinnig gedreven. En ik denk ook een belangrijke tip. We hebben geen afdelingen, want we werken met elkaar samen en proberen elke keer ook zo goed mogelijk het te organiseren. Elke keer zeggen we tegen elkaar, oh jee, we hebben weer een poging gedaan om het te organiseren en het werkt eigenlijk niet echt heel erg briljant. Zullen we weer wendbaar de andere kant op gaan? Wij zijn heel slecht in het maken van echte plannen, maar we zijn super goed in de uitvoering en hands on met elkaar aan de slag gaan. En het is ook leuk dat je met elkaar het gesprek kunt voeren, dat we professionaliseren. Ik ben de laatste die voor jou gaat zitten hier bij de microfoon en zegt dat we alles op orde hebben. Onze hele blauwe structuur is dramatisch. Die is er gewoon niet. En we gaan. En ik denk ook belangrijk toen ik startte was er geen afdeling communicatie. En ik heb ook gezegd, we gaan geen afdeling communicatie maken, maar we gaan wel twee posities vakant maken in het team, omdat communicatie in ons vak onvoorstelbaar belangrijk is. Zowel om mensen te vertellen dat je naar de ombudsman toe kan gaan, maar ook al die andere gekkigheid waar ik je net over vertel. Dat is een samenwerking waarbij je communicatie aan de voorkant, in de tussentijd midden nodig hebt. Dus dat is niet een losse afdeling. Dat is ook onderdeel van het geheel. En we hebben een ander iets als we heel klein zijn. Dat is misschien ook nog wel een idee. Alles wat we produceren, maken, doen, zeggen of et cetera, is altijd triple use. Want anders is het zonde van de tijd. Dus we proberen alles weer opnieuw her te verpakken. Dus ik heb nu met jou een gesprek. Mensen luisteren, denken oh dit is leuk. Dan halen we er waarschijnlijk één quote uit en die gaan we dan weer verder brengen. Of dat gebruiken we dan weer. Want het is zonde om iets eenmalig te doen. Want ik geef ook mijn tijd hier aan jou. Ik vind het leuk om hier te komen. Ik breng mijn enthousiasme in. Ik heb vast al weer iets doms gezegd, daar kunnen we wat mee doen. En ik heb vast iets slims gezegd, daar kunnen we ook wat mee doen. En ik denk, wat ook scheelt, ik vind mezelf niet zo super belangrijk. En ook heel veel leiders roepen, ik heb niet zo'n groot ego. Ik heb het daadwerkelijk niet. Ik ben echt in dienst van mijn werk, in dienst van de stad, in dienst van mijn team. Maar ik vind het ook niet erg om af en toe de knoop door te hakken. Vind ik ook fijn, want ik ga wel over mijn eigen tent. En dat is natuurlijk superleuk. En het is ook heel fijn dat ik niet afhankelijk ben van heel veel anderen om besluiten te kunnen nemen en met elkaar te kunnen zeggen we gaan die kant op.

Glenn van der Burg (host): Ik kan me wel voorstellen dat je wel beperkt bent in hoeveel geld je mag uitgeven als ombudsorganisatie.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Nou, maar dat is, ik vind, daar ben ik dus nu ook echt druk mee bezig, dan merk je dan veranderd mijn stem. Het maakt uit waar je in Nederland woont, wat voor een lokale ombudsservice je krijgt. Dus wij hebben iets tussen 2,7 en 3 miljoen euro te besteden. Dat wordt mij ter beschikking gesteld door de gemeente. Mochten zij op enig moment bedenken, we hebben dat geld niet meer. dan kan ik mijn vak niet goed uitoefenen. Maar ik krijg al veel meer geld dan iemand die ergens een ombudsfunctie vervult en externe klachtcommissie is en een paar klachten betaald krijgt. En ik vind het in onze democratie die onder druk staat ontzettend belangrijk en desnoods geven wij onze eigen tent op. I really don't care dat je overal in Nederland dezelfde ombudsservice krijgt. De nationale ombudsman Dat is ook voor heel veel mensen belangrijk. Die denken, misschien kan ik wel een klacht indienen bij Van de Anker. Dat kan dus alleen maar als je in een van onze gemeenten woont. Het is in Nederland zo georganiseerd dat elke gemeente hoort een lokale ombudsman te hebben, waar mensen terecht kunnen voor klachten. En niet alleen inwoners, maar ook maatschappelijke organisaties en ondernemers. Heb je niet een eigen ombudsvoorziening ingericht, dan ben je automatisch van de nationale ombudsman in de rol als lokale ombudsman. Maar die is bijvoorbeeld twee keer zo goedkoop. Dus ook daarin vind ik het belachelijk dat je op basis van kosten zou kunnen overwegen. Ik heb liever Reinier van Zutphen, wat een prima fantastische collega is. En ik hou van de man, ik hou van al mijn collega's. Maar het is natuurlijk wel een hele rare afweging. Dus het maakt uit waar je woont wat voor een ombudsservice je krijgt. En ze kunnen mij inderdaad, een lieve luis in de pijl noem ik mezelf, ook lief, want ik ben begaan en betrokken en ik wil ook samenwerken met de overheid, maar ik ben wel een luis. Dus op het moment dat ik te kritisch word, te stevig wordt en er wordt ofwel aan de geldkraan gedraaid, ofwel aan...

Glenn van der Burg (host): Het is wel aan de hand bij jou ook, hè?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ja, we hebben op dit moment een heb ik een akkefietje.

Glenn van der Burg (host): Een akkerfietje? Ja, ik wist niet eens dat het bestond. Nissewaard? Ja. Waar is dat ergens joh?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ja, Nissewaard is weer zo'n samengevoegde omgeving van een gemeente. Maar mensen kennen waarschijnlijk wel Spijk en Nisse.

Glenn van der Burg (host): Over communicatie gesproken hè? Al die gemeenten die hebben nu een naam waarvan niemand weet in Nederland waar het is.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Dat klopt, ja.

Glenn van der Burg (host): Ja, Spijk en Nisse kennen we wel hoor. Toch, dat kennen de meeste mensen wel. Ja, maar daarvan de burgemeester vindt dat jij volgens mij even simpel gezegd buiten je boekje bent getreden. Je bent dingen aan het doen die eigenlijk niet bij jouw mandaat horen.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Exactemaal. En ik ben daar tegen ten strijde getrokken en niet zo'n beetje ook. Want hier zie je dus gebeuren wat ik absoluut niet wil hebben in het land. En ook niet wat er over mij gezegd wordt. Ik vind het zeer kwalijk wat de burgemeester heeft gezegd. Want wat hij het liefste wil, en zoals hij de ombudsfunctie ziet, is dat we alleen maar tweelijns klachtafhandelaar zijn. Dus je gaat eerst klagen bij het bestuursorgaan, bij de gemeente. Dan krijgen wij ook altijd alle ruimte om het op te lossen. En daarna kunnen mensen nog naar de ombudsman stappen. Maar ik ben er ook als hoeder van goed bestuur. En dat staat in de Europese wet en regelgeving. Dat staat in de Venice Principles. Dat staat inmiddels op veel meer plekken in Nederland. Ook al de afgelopen zomer bevestigd door een brief van BZK aan de Tweede Kamer. Dat de ombudsmannen een ontwikkeling hebben doorgemaakt. Die ook in softlaw en hardlaw is weergegeven. Dat wij veel meer zijn dan tweede lijns klachtofferhandelaar. Deze manier. wil mij heel graag in het hokje hebben van alleen tweedehandsklachten. En ik heb gezegd, dat gaat dus niet gebeuren. Want jouw mensen hebben recht op een ombudsman die breed kijkt. En dat ik dan heb geroepen wat echt zo is in Nissewaard is bijvoorbeeld de rechtsbescherming niet op orde. Dus mensen komen daar tekort. Ja, dat is gewoon wat het is. En dan zul je als burgemeester aan de bak moeten en niet je ombudsman moeten willen inwisselen voor de helft zo goedkope nationale ombudsman. En ik kom natuurlijk slapendoen als nachts, ik kom niet uit een ei. Dus ik heb het zo af weten te spreken met al mijn collega-ombudsmannen, maar ook met de nationale ombudsman, dat we in dit geval samen optrekken. Dus stel dat de gemeentenissenwaard, ik ga ervan uit dat de gemeenteraad, want die gaat erover, dat niet zal besluiten, maar stel dat dat toch zo is. Ze gaan het argument geld gebruiken, want wij zijn twee keer zo duur. Dan is het voor de gemeentenissenwaard tekenen bij het kruisje. Het is prima dat je dan bij ons vertrekt en voor de helft van het geld naar de nationale ombudsman gaat als lokale ombudsman. Maar het is tekenen bij het kruisje. Dus wij werken allemaal op dezelfde manier. Dus ook van de nationale ombudsman krijg je dan als gemeentenissenwaard veel meer dan alleen tweelijks krachtbehandeling. Namelijk ook algemene inzichten. Want de principes zijn hetzelfde. Want de principes zijn hetzelfde. En het is tekenen bij het kruisje.

Glenn van der Burg (host): Het is ook wel, als we het dan hebben over een team worden, familiegevoel, dan is dit natuurlijk eigenlijk, je hebt het liever niet. Aan de andere kant, daarvoor is het natuurlijk fantastisch.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Het is fantastisch. Want jullie zijn natuurlijk met elkaar tegen de rest. Wat ik ook aantrof toen ik startte was dat er eigenlijk niet werd samengewerkt tussen alle ombudsmannen en ook niet tussen de nationale ombudsman en de lokale ombudsmannen. Dus ik heb ook gezegd dat ga ik veranderen, want het is natuurlijk zo zonde dat je allemaal los van elkaar onderzoekjes aan het doen bent, dus juist met elkaar veel meer samenwerken. En dat is echt leuk, want die handdoek is door iedereen opgepakt en iedereen had ook zoiets van dat moeten we doen, samen ten strijde trekken. En dit is weer een van die voorbeelden waarin we met elkaar gedragen hebben gezegd. Wij gaan veel meer samenwerken. We zijn nu ook een vereniging aan het oprichten met elkaar, want ook die honderd mannen werkten eigenlijk... Die waren gewoon niet georganiseerd.

Glenn van der Burg (host): Niet georganiseerd. De tijd vliegt hier altijd. Ja, serieus.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ja joh, het is zes minuten voor drie.

Glenn van der Burg (host): Nee!

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ja joh.

Glenn van der Burg (host): Nee?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): Ja. Oh my goodness.

Glenn van der Burg (host): Waarom denk je dat ik zoveel grijze haren heb? Het gaat hier gewoon super hard. Voor onze lieve luisteraars die aan het luisteren zijn, waarvan een belangrijk gedeelte zich dagelijks bezighoudt met hoe komen we met deze organisatie en onze fijne mensen van A naar B? Hoe maken we het beter, leuker, gezelliger? Wat is je laatste tip?

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): waardig dreven werken, elke organisatie, missie, visie, et cetera, ik vind het allemaal gelul. Je bent ergens van, je gaat ergens voor. En wat mij betreft is dat waarde toevoegen aan de toekomst. En dat mag commercieel, dat mag publiek zijn, maar je voegt waarde toe aan een betere wereld voor ons en onze kinderen. En als je dat beet hebt gepakt, jongen, dan ga je hollen vliegen, rennen en dan zul je zien dat mensen intrinsiek gemotiveerd zijn, dat alles kan. En dan ga je gewoon draaien. En als dat betekent dat je uiteindelijk iets niet moet doen of je functie moet opofferen of sorry moet zeggen, go for it.

Glenn van der Burg (host): Ik vond het uitermate leuk om met je te spreken. Dat hadden we nog veel langer kunnen doen. Dat is altijd een goed teken, want dat betekent dat het gewoon heel gezellig was en nuttig en inhoudelijk. al die andere superlatieven die erbij horen. Dank je wel Marjan van den Anker. Zoek je nog mensen trouwens? Want ik kan me heel goed voorstellen als jij nog een vacature hebt en mensen horen dit, dat ze denken nou, voor die ombudsvrouw wil ik wel werken.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): We hebben geen vacatures, iedereen staat in de rij. Maar we hebben een ombudscommunity, dus daar gaan we volgend jaar meer over vertellen, want we zijn klein, maar met iedereen die mee wil denken, gaan we nog iets voorzinnen om de wereld een beetje beter te maken.

Glenn van der Burg (host): Dankjewel Marianne. Als mensen denken, ik heb een klacht. Dat zou natuurlijk best wel kunnen. En ik woon toevallig in Rotterdam-Rijnmond area. Bijvoorbeeld in Nissewaard. Dat zou toch wel een grap zijn.

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): 0800 0802 gratis bellen. We kunnen naar onze spreekuren komen. Wat wij nog niet goed geregeld hebben voor de jongeren is een WhatsApp kanaal. Dus mensen die ons daarbij kunnen helpen om dat voor me te geven. Graag. Maar je kan bellen, mailen en langskomen.

Glenn van der Burg (host): En heb je ook een website achter

Marianne van den Anker (Ombudsvrouw, Rotterdam-Rijnmond): We hebben een website www.orr.nl. Orr.nl. Omroep van Rotterdam-Rijnmond. Linkedin, Instagram. Overal zijn ze te vinden. Kortom, heb je een klacht of wil je gewoon kijken wat voor fantastische dingen ze doen. Of je wil weten hoe de ombudslans, ombulansen er uitziet. Moeilijk woord. Dan moet je daar gaan kijken. En kijk naar Oplos Koffie, onze tv show. Gewoon lekker lachen.

Glenn van der Burg (host): Dankjewel. En jij dankjewel voor het luisteren. We hadden een tweede uur, maar wegens een persoonlijke calamiteit is dat niet doorgegaan. Maar dat herhalen we een later moment wel weer in. Tot de volgende. Meer luisteren? Ga naar peoplepower.radio en abonneer je op onze podcast.